De Erru-lijst omvat in totaal meer dan 130 overtredingen. Het betreft onder meer vergrijpen in het kader van de rij- en rusttijdenwetgeving, tachograafverordening en vergunningseisen. Maar bijvoorbeeld ook schendingen van de wetgeving rondom maten en gewichten en gevaarlijke stoffen. De Europese Commissie heeft voor elk van deze overtredingen vastgesteld of deze ‘meest ernstig’ is, ‘zeer ernstig’, of ‘ernstig’. Daarbij krijgen de zwaarste overtredingen 9 punten in het register. Voor de minder zware categorieën zijn dat 3 punten en 1 punt.

Overtredingen blijven niet eeuwig aan transportondernemers kleven. Na twee jaar verdwijnt een registratie weer uit het Erru. Volgens advocaat Rémy Betgen van Vallenduuk Transport Advocaten is het toch van belang om de registraties goed in het oog te houden. ‘Want de gevolgen van het bereiken van de grenswaarde kunnen verstrekkend zijn.’

Vergunning intrekken

Transporteurs die 50% van het maximaal aantal toegestane punten bereiken, krijgen een waarschuwingsbrief van de inspectiedienst ILT. Bij 100% volgt een toets bij de ILT en vergunningverlener Niwo. De Niwo kan dan besluiten om de vergunning van de onderneming een half jaar te schorsen of voor twee jaar in te trekken. Vervoersmanagers kunnen een ongeschiktheidsverklaring van twee jaar opgelegd krijgen. In het geval dat de vervoersmanager zijn betrouwbaarheid verliest maar de werkgever niet, krijgt het transportbedrijf een half jaar om een nieuwe vervoersmanager te werven.

Daarmee lijkt het register volgens Betgen daadwerkelijk een (internationaal) strafblad voor transportondernemingen en vervoersmanagers te worden. ‘Op het moment dat de grenswaarde voor het aantal Erru-registraties wordt bereikt, dan zal bij de ILT de verwijtbaarheid en bij Niwo de evenredigheid worden getoetst, maar uitgangspunt is dat de registraties er al zijn.’

Een belangrijk doel van het register is het koppelen van de systemen van EU-lidstaten. Niet alleen Nederlandse Erru-overtredingen komen in het register. Datzelfde geldt ook voor overtredingen in het buitenland. ‘Daar zit een belangrijk punt’, zegt Betgen. ‘Het komt vaak voor dat boetes in het buitenland worden betaald vanuit een praktische afweging. Bijvoorbeeld een chauffeur die met een lading bederfelijke waar zit, betaalt die boete omdat hij snel door moet. Maar in de nieuwe situatie volgt een registratie in het Erru-register, en toekenning van een aantal strafpunten wanneer de Erru-boete wordt betaald of als de boete onherroepelijk wordt omdat er geen bezwaar wordt gemaakt. De strafpunten worden zowel aan de vervoersonderneming als de vervoersmanager toegekend. De afweging om door te rijden, is vaak van praktische aard, terwijl de gevolgen voor de onderneming en vervoersmanager verstrekkender kunnen zijn.’

Consignatie tekenen

Volgens Betgen wordt het dus belangrijker om boetes aan de voorkant zoveel mogelijk te voorkomen. ‘Komt het toch tot een boete, denk dan na over het tekenen van een consignatie. Je maakt daarmee kenbaar dat je nog wilt ageren. In Nederland speelt dat wat minder, omdat boetes hier niet meer worden geïnd langs de kant van de weg. Dan doorloop je als bedrijf per definitie het bestuursrechtelijke of het strafrechtelijke traject. In het buitenland is het opleggen en innen van boetes aan de kant van de weg echter nog steeds aan de orde van de dag.’

Volgens Betgen wordt het informeren en instrueren van chauffeurs en planners nu ook belangrijker. ‘Geef hen instructies over hoe overtredingen te voorkomen en wat te doen als er een controle plaatsvindt. Het gaat dan om het vastleggen van de omstandigheden die op dat moment spelen, maar ook om het laten beoordelen van het voornemen of de opgelegde boete.’

Transport en Logistiek Nederland sluit zich daarbij aan. ‘Elke overtreding die punten oplevert, brengt een risico met zich mee voor de betrouwbaarheid. Het is dus belangrijker dan ooit om regie te houden over het naleven van de regels, en bij te sturen waar dit onvoldoende gebeurt’, zo stelt de brancheorganisatie.

Directeur transport Peter Vinke van Neele-Vat Logistics verwacht dat bedrijven die weinig te verbergen hebben, niet hoeven te vrezen voor het register. ‘Je kunt alleen minpunten krijgen als je de wet overtreedt’, zegt hij. ‘De vraag is hoe je in de wedstrijd staat. Als je aan de negatieve kant staat dan zeg je: dit gaat nooit werken. Als je aan de positieve kant zit dan zeg je: dit is een maatregel die gaat helpen om het wegvervoer veiliger te maken. Niemand zit op een chauffeur te wachten die onvoldoende heeft gerust. Dat bedrijven blacklisted kunnen worden omdat ze consequent de regels overtreden, daar kan niemand tegen zijn. Anderzijds moeten we oppassen dat we niet doorslaan.’

Risicoclassificatie

De inwerkingtreding op 1 februari is de eerste stap in de implementatie van het overtredingenregister. In 2022 wordt het Erru-register uitgebreid met een risicoclassificatie en informatie over kentekens en het personeelsbestand. Met name de risicoclassificatie wordt van belang voor controles langs de weg, verwacht Betgen. ‘Als Erru-registratie plaatsvindt, dan kan de Nederlandse of buitenlandse inspectie langs de kant van de weg het register raadplegen en zien of bij de onderneming eerder overtredingen hebben plaatsgevonden. Het gevolg is dat je met oude Erru-overtredingen onder het vergrootglas komt te liggen. Dat is een duidelijk signaal waarvan transportondernemingen zich bewust moeten zijn.’

Het Erru-register had oorspronkelijk al in 2013 in werking moeten treden. De Nederlandse autoriteiten waren naar eigen zeggen klaar voor invoering, maar besloten toch te wachten op andere landen die nog niet zo ver waren. In 2016 volgde een uitbreiding van het soort overtredingen waarvoor het register gaat gelden. Sindsdien vallen niet alleen de meest ernstige overtredingen binnen de scope, maar ook de ‘heel ernstige’ en ‘ernstige’. In 2019 tikte de Europese Commissie Nederland op de vingers met een inbreukprocedure omdat het register nog altijd niet actief was. Naast Nederland kregen ook Cyprus en Portugal een aanmaning op de mat.

Op dit moment werkt het Niwo nog aan nieuwe beleidsregels voor het Erru-register. Tijdens een webinar van TLN, de NIWO en de ILT over dit onderwerp op 12 januari zei de organisatie er van uit te gaan dat dit lukt voor 1 februari. Wanneer die deadline toch niet gehaald wordt, verschuift de invoeringsdatum naar 1 maart.