De laatste weken van 2020 domineerden de opstoppingen aan de Brits-Franse grens het nieuws. De drukte in aanloop naar de brexit en de reactie van de Franse regering op de nieuwe Britse coronavariant zorgden voor enorme opstoppingen. De jaarwisseling markeerde een omslag: van chaos en paniek naar relatieve rust in de eerste dagen van het nieuwe jaar.

Vervoerdersorganisaties merken nog geen grote verstoringen in het transport van goederen naar het Verenigd Koninkrijk. Hoewel de volumes zo aan het begin van het jaar nog laag zijn, lijkt daarmee te worden bevestigd dat aan Nederlandse zijde de juiste voorbereidingen zijn getroffen. Daarmee is echter niet gezegd dat alles weer bij het oude is. Zelfs nu het op de valreep toch gelukt is om een handelsakkoord te sluiten, verwachten analisten dat de brexit aanzienlijke schade zal toebrengen aan de Britse economie. Ook de Nederlandse export wordt zo geraakt, waardoor het wegvervoer in het nieuwe jaar waarschijnlijk minder lading te verwerken krijgt.

Corona

Corona zorgde in het voorjaar wereldwijd voor een ongekende schokgolf. In Nederland kregen bedrijven in maart en april te maken met de ‘intelligente lockdown’ en ook in het buitenland viel de vraag weg door winkelsluitingen en het stilvallen van de industrie. Veel transporteurs die transport verrichten voor de horeca, retail en groothandels zagen hun inkomsten helemaal of bijna helemaal wegvallen.

Internationaal werd vooral het transport naar België, Frankrijk en Italië hard geraakt. Andere ondernemers moesten juist alle zeilen bijzetten om te kunnen voldoen aan een sterk toegenomen vraag, met als meest in het oog springende voorbeelden de supermarktbevoorrading en de belevering van de bouwmarkten en tuincentra. In de zomer trad economisch herstel op, vooral in het binnenlandse vervoer. De nieuwe lockdown van december stelde veel bedrijven opnieuw voor problemen. Al met al zien vervoerders hun omzet dalen met gemiddeld 5% in 2020, meldde ING eerder.

Lichtpuntjes

Hoewel de coronacrisis nog lang niet ten einde is, zijn er toch lichtpuntjes. In 2021 komt het wegvervoer in rustiger vaarwater en treedt verder herstel op, zo verwachten analisten. De tweede coronagolf houdt ons op dit moment in zijn greep, maar de impact op bijvoorbeeld de industrie zal minder groot zijn dan die van de eerste golf. De Britse analist Transport Intelligence (TI) presenteerde onlangs een prognose waarin de Europese markt voor het wegvervoer een jaarlijkse groei wordt voorgeschoteld van 3,4% tot aan 2024. Het herstel is echter broos, al is het maar doordat een deel van de groei en werkgelegenheid op dit moment niet kan bestaan zonder hulpmaatregelen vanuit de overheid. Landen die de staatssteun afbouwen, zien dat direct terug in de economie, zo waarschuwt TI.

Andere analisten houden ook een flinke slag om de arm. Hoewel er in 2021 voorzichtig weer aan groei gedacht kan worden, is volledig herstel pas in 2022 aan de orde, stellen zij. Het aantal faillissementen valt mede door alle steunmaatregelen nog mee, maar de verwachting is dat dit in het nieuwe jaar beperkt zal oplopen. In Nederland komt de stikstofcrisis daar nog eens bij. De bouw is door de maatregelen vleugellam gemaakt, en ook het wegvervoer wordt daardoor stevig geraakt. Net als het afgelopen jaar zullen ook in 2021 bedrijven die flexibel in kunnen spelen op deze schokgolven in de markt, sterk in het voordeel zijn.

Consolidatie

Al lange tijd verwachten analisten door prijsdruk en de flinterdunne marges in het wegvervoer een golf van consolidatie en schaalvergroting. In de laatste maanden van 2020 lijkt de overnamegolf stevig op gang te zijn gekomen. Het gaat veelal om overnames en fusies van kleine bedrijven, maar er waren ook grote deals. Het meest in het oog sprong de fusie van Simon Loos en Peter Appel Transport. Door de samensmelting van de beide logistieke dienstverleners ontstaat een reus op het gebied van de supermarktbevoorrading die met een organisatie van meer dan 3.000 medewerkers, 60 locaties en 1.400 voertuigen in eigen beheer een marktaandeel heeft van ongeveer 30%. In navolging van Appel en Loos kondigde ook concurrent Nedcargo aan een ‘oorlogskas’ te hebben gevuld om te kunnen groeien. De kans is groot dat we in 2021 de lang verwachte verschuiving naar een markt met minder, maar grotere spelers in het wegvervoer gaan zien.

Mobiliteitspakket

Na twee jaar van moeizame onderhandelingen gaf het Europees Parlement afgelopen zomer groen licht voor het Mobiliteitspakket. De eerste belangrijke wijziging, een herziening van de regels rond rij- en rusttijden, ging in augustus in. Belangrijk punt daarin is het terugkeerrecht voor chauffeurs. Daarnaast heeft Brussel de regels voor rusten op een boot of trein wat aangepast en mogen chauffeurs onder bepaalde voorwaarden in het buitenland twee keer verkort rusten. In 2021 treden geen nieuwe regels in werking. Wel moeten Europese bedrijven zich voorbereiden op de onderdelen van het Mobiliteitspakket die in 2022 van kracht worden. Heikel punt vormen de nieuwe regels voor cabotage die in februari 2022 in werking moeten treden. Chauffeurs mogen dan nog steeds in een week tijd drie cabotageritten uitvoeren, maar nieuw is de ‘cooling down’ periode van vier dagen. In 2022 volgt bovendien een terugkeerplicht voor voertuigen. Verder wordt het gebruik van postbusfirma’s aan banden gelegd. Als een bedrijf in een bepaald land gevestigd wil zijn, moet het daar een kantoor hebben waar ‘substantiële activiteiten’ plaatsvinden. Verder neemt de Europese Commissie tot aan 2026 de tijd om de tachograafplicht steeds verder aan te scherpen.

Nieuwe cao beroepsgoederenvervoer

Het beroepsgoederenvervoer zit sinds 1 januari zonder cao. In 2020 liep de cao voor het beroepsgoederenvervoer nog ongewijzigd door. Werkgevers en werknemers in de transportsector vonden het door de onzekere economische omstandigheden toen onverstandig om loonsverhogingen door te voeren. De verlengde cao liep echter op 1 januari af. Begin november zaten werknemers en werkgevers om de tafel om de cao voor het nieuwe jaar te bespreken. De inzet van werkgeversorganisaties TLN en VVT daarbij was om de cao nogmaals ongewijzigd te laten doorlopen. De vakbonden vonden het juist tijd voor nieuwe afspraken over de beloning en werkomstandigheden. Tijdens een nieuw overleg op 14 december kwamen de beide kampen al iets dichter tot elkaar. Het overleg werd daarna geschorst om overleg met de achterban mogelijk te maken. Er is echter nog altijd geen zicht op een snel akkoord. De partijen zetten de onderhandelingen na 19 januari voort.