De sector transport en logistiek is hard geraakt door de coronacrisis. In het tweede kwartaal van 2020 is er sprake is van fors omzetverlies in het beroepsgoederenvervoer over de weg (gemiddeld -9,3% ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar). Ook neemt het aantal transportondernemers dat onvoldoende vraag ervaart toe. Dit blijkt uit de meest recente Sectormonitor transport en logistiek.

Opleiden leerlingen

Sociale partners hebben in het ‘Arbeidsmarktplan Transport en Logistiek’ tijdelijke maatregelen afgesproken om te voorkomen dat goed opgeleide werknemers uitstromen en vakmanschap te behouden. ‘Tegelijkertijd wil de sector nu al investeren in het opleiden van leerlingen. Vanaf halverwege 2021 zal de inzet naar verwachting verschuiven van behoud naar instroom van nieuwe werknemers. Om de uitvoering van deze maatregelen mede mogelijk te maken, doen de organisaties een dringend beroep op de hulp van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid’, laat het Sectorinstituut Transport en Logistiek (STL) weten.

‘We hebben de afgelopen jaren mooie resultaten op het gebied van instroom en duurzame inzetbaarheid behaald. Vanaf 2017 zijn 8.500 nieuwe chauffeurs door ons geworven, opgeleid en bemiddeld naar een baan. En we hebben 3.000 BBL-leerlingen opgeleid met SOOB-subsidie. Om de arbeidsmarktpositie van werknemers te verbeteren zijn er in 2019 30.000 opleidingstrajecten voor en door werknemers gestart’, meldt STL in een toelichting op het rapport.

Teniet gedaan

In de logistiek zijn zo’n 160.000 werknemers actief, onder wie 88.000 vrachtwagenchauffeurs. ‘We hebben in de periode voor de coronacrisis veel geïnvesteerd om nieuwe mensen te laten instromen. Alle reden dus om alle zeilen bij te zetten om te voorkomen dat wat de afgelopen jaren is bereikt teniet wordt gedaan’, vindt Willem Dijkhuizen, bestuurder FNV Transport & Logistiek. ‘De verwachting is nog steeds dat we na economisch herstel tot 2025 zo’n 40.000 chauffeurs nodig hebben mede ter vervanging van chauffeurs die met pensioen gaan. Het is belangrijk om daar gezamenlijk verantwoordelijkheid voor te nemen.’

Ook TLN ziet de toekomst ondanks de huidige crisis rooskleurig in. ‘Ondanks deze turbulente tijden verwachten we dat het een tijdelijk probleem is: het perspectief, vanaf tweede helft 2021 is namelijk goed. Bij economisch herstel zal de behoefte aan nieuwe werknemers weer opbloeien. Daar moeten we op anticiperen. Daarom is het ook van belang dat we juist nu maatregelen nemen om door te gaan met het opleiden van BBL-leerlingen. Daarnaast willen we graag afspraken maken over samenwerking met andere sectoren en overheidsinstanties zoals het UWV om in de toekomst weer optimaal in te kunnen zetten op instroom, doorstroom en opleiding van werknemers’, aldus TLN-voorzitter Elisabeth Post.