De verwachte omzetdaling van ruim 550 miljard euro voor de goederenvervoerders zou een daling van 18% betekenen vergeleken met 2019. ‘Meer dan 3,5 miljoen wegvervoerders wereldwijd worden geconfronteerd met ongekende financiële verliezen, die veroorzaakt worden door allerlei transportbeperkingen en door de algehele economische neergang als gevolg van de pandemie,’ zo wijst de IRU de coronacrisis aan als evidente verklaring.

Het wegvervoer in Europa ziet dit jaar volgens de IRU naar verwachting 64 miljard dollar verdampen, een neergang van 17%. Nederland behoort tot een groepje landen dat het slechter doet, met dalingen van de omzetten met tussen de 21% en 30%. Het zit wat dat betreft in hetzelfde schuitje als Groot-Brittannië, Noorwegen, Turkije, Polen, Oekraïne en Bulgarije.

Hoogtepunt crisis

Transport en Logistiek Nederland (TLN) hield de Nederlandse ontwikkelingen de afgelopen maanden nauwgezetter bij in de coronamonitor en noteerde op het hoogtepunt van de crisis een gemiddeld omzetverlies in de sector van 30%, om daarna richting de 25% te dalen.

Elders in de wereld hebben ook het goederenvervoer over de weg in Australië, Brazilië en Mexico te kampen met een neergang van 20% à 30%. Wegtransporteurs in China, Iran en Argentinië zijn er het ernstigst aan toe met een omzetdaling van méér dan 30%. De IRU vindt dat de politiek wegtransporteurs tot nu toe veelal in de kou heeft laten staan. ‘We hebben veel regeringen regelgeving zien versoepelen en herstelplannen zien aankondigen, maar de uitwerking voor wegvervoerders blijft over het algemeen vaag,’ zegt Umberto de Pretto, secretaris-generaal van de IRU.

Eerder in de coronacrisis presenteerde de wegvervoerorganisatie een tienpuntenplan met voorstellen voor regeringen en banken om transportbedrijven met zowel financiële als niet-financiële maatregelen op de been te houden, ‘maar sindsdien is daar heel weinig, en in sommige gevallen niets, mee gedaan’, aldus De Pretto.

De sector verdient een toeschietelijkere behandeling van de autoriteiten, vindt de IRU-voorman. ‘Zelfs toen de crisis op zijn hoogtepunt was, bleef het wegvervoer flexibel en operationeel, en bleef het zijn unieke rol vervullen.’

Alarmerend

De wegvervoerorganisatie stuurde onlangs een brief naar Brussel waarin ze opperde dat het wegtransport een forse bijdrage zou moeten krijgen uit het Europese herstelfonds, het roemruchte fonds dat op weerstand stuitte van een groepje zuinige landen onder leiding van Nederland. Een bedrag van 75 miljard euro, 10% van het beoogde fondsbedrag, zou volgens de IRU wel het minste zijn. De wegvervoerorganisatie vindt dat de sector hulp nodig heeft om het wagenpark te vergroenen, processen te digitaliseren en het aantal beveiligde vrachtwagenparkeerplaatsen flink op te schroeven. ‘Juist nu corona een bres heeft geslagen in de reserves van bedrijven hebben zij voor investeringen weinig ruimte’, zei TLN-voorzitter Elisabeth Post hierover.

De EU reageerde niet enthousiast op het IRU-idee. Individuele transportbedrijven kunnen bij andere deuren, zoals die van de Europese Investeringsbank, aankloppen als ze in coronanood verkeren, vindt Brussel.

Het voortbestaan van de vervoerders is essentieel om economieën te laten functioneren en gemeenschappen overeind te houden, stelt De Pretto. ‘Daarom zijn onze nieuwe bevindingen ook zo alarmerend. Elk faillissement van een wegvervoerder is van invloed op de mobiliteit van mensen en goederen.’

Met de verplaatsingen van mensen gaat het volgens de IRU nog veel slechter dan met het goederenvervoer. Passagiersvervoerders verliezen dit jaar in Europa 81 miljard euro aan omzet, wat gelijk staat aan 57% van hun jaarlijkse opbrengsten. Toeristenbussen zien de grootste neergang (82%). Taxi’s (-60%) en stadsbussen (-42%) hebben het ook moeilijk. In Nederland verliest het passagiersvervoer 61% omzet, in België is de daling lager: 40%.

Loonkosten

Op 6 juli begon in Nederland de periode waarin werkgevers die deze zomer vier maanden lang minstens 20% omzetverlies hebben, een subsidieaanvraag kunnen doen in het kader van de NOW 2.0- regeling. De subsidie moet de bedrijven in staat stellen om de loonkosten van hun personeel te blijven betalen. Eerder in de crisis konden ondernemingen al een beroep doen op een eerste NOW-regeling, waarvoor de aanvraagperiode begin juni eindigde.

Een soortgelijk steunprogramma in de Verenigde Staten, het Payroll Protection Program, keerde al 12 miljard dollar uit aan Amerikaanse wegvervoerders. Ruim 60% van de vervoerders deed er een steunaanvraag. Ook in Nederland deed al een aanzienlijk deel van de transportbedrijven een verzoek om steun, maar hoeveel geld hier in totaal wordt uitgekeerd, is nog niet gecalculeerd.