Een Oekraïens vrachtwagenbewijs op naam van de Duitse bondskanselier Angela Merkel, voorzien van haar pasfotootje, geldig tot 1 januari 2030. Met die curieuze illustratie besluiten de Nederlandse vakbond FNV en stichting VNB en de internationale vakbonden ITF en IUF hun rapport ‘De pandemie in het wegtransport’. Dat je makkelijk een rijbewijs kan kopen op naam van iemand anders, en bijvoorbeeld ook trainingscertificaten kan ritselen voor chauffeurs die in werkelijkheid geen seconde training hebben gehad, is volgens de vakbonden kenmerkend voor de wijze waarop malafide transporteurs omgaan met hun korps van vrachtwagenchauffeurs.

Het wegtransport was volgens de vakbonden al ver voor de coronacrisis een ‘zieke’ sector waarin ‘uitbuiting, schending van mensenrechten en het organiseren van illegale praktijken een publiek geheim’ waren, en de coronacrisis heeft die situatie volgens de bonden alleen nog maar erger gemaakt. Ze geven daarvan verladers mede de schuld.

‘Opdrachtgevers van transportbedrijven maken misbruik van de crisis door tarieven te verlagen. Dat gaat niet alleen ten koste van loon en arbeidsvoorwaarden, maar is ook een gevaar voor bedrijven die chauffeurs wél met respect behandelen.’ Verladers die de coronacrisis hebben aangegrepen om nog lagere transporttarieven te forceren, beseffen volgens de bonden onvoldoende welke impact prijsverlagingen hebben op de arbeidsvoorwaarden, de veiligheid van chauffeurs en de verkeersveiligheid. De bonden benadrukken dat ze voor hun onderzoek chauffeurs hebben ondervraagd die goederen vervoeren van grote multinationals. ‘Ze rijden het eten dat wij eten, de medicijnen die wij innemen, de auto’s waarin wij rijden en de kleren die wij dragen.’

Voor een dubbeltje op de eerste rang

Hoewel verladers volgens de bonden sinds het uitbreken van de coronacrisis meer dan ooit voor een dubbeltje op de eerste rang proberen te zitten, krijgen toch vooral wegtransportbedrijven er in hun rapport van langs. Zo hebben vervoerders de versoepelingen van de rij- en rusttijden tijdens de coronacrisis volgens de bonden ‘gretig misbruikt’ om chauffeurs van buiten Europa ‘wijs te maken dat er helemaal geen regels meer gelden.’ Al geven de geïnterviewde chauffeurs volgens het rapport ook unaniem te kennen, dat de tijdelijke versoepeling van de regels eigenlijk een wassen neus is, omdat vóór de coronacrisis die regels toch al niet gerespecteerd en gecontroleerd werden. Overheden en opdrachtgevers doen ‘vrijwel geen controles’ op transport- en arbeidswetgeving, concluderen de bonden, en van die omissie maken bedrijven volgens hen dankbaar gebruik. ‘Chauffeurs worden geïnstrueerd weg te blijven uit landen waar wél actief wordt gehandhaafd.’

En als er toch een boete komt, kan het voorkomen dat de werkgever weigert om die te betalen. Het rapport noemt het voorbeeld van een Aziatische chauffeur die voor diverse West-Europese bedrijven reed, maanden in zijn cabine leefde en onderweg werd bekeurd wegens het overtreden van de rij- en rustregels.

Perplex

Toen de trucker zijn werkgever alarmeerde over de boete, liet het bedrijf dagen niks van zich horen. Na enkele dagen op een parkeerplaats te hebben gestaan, kwam de betreffende werkgever de chauffeur midden in de nacht uit zijn cabine slepen. Een Servische chauffeur nam zijn plaats in en reed weg met de truck, de Aziatische trucker perplex achterlatend in de stromende regen.

De chauffeurs, onder contract van Oost-Europese bedrijven terwijl ze volgens de bonden louter in West-Europa aan het werk zijn, worden volgens het onderzoek vaak niet eens gewaarschuwd voor corona en niet standaard van beschermingsmiddelen voorzien. Of ze krijgen één paar plastic handschoentjes en één gezichtsmasker mee voor een dienst van zes weken. Meestal moeten de truckers hun beschermingsmiddelen onderweg maar zelf zien te bemachtigen. En als de truckers ziek worden of vrij zijn, maken werkgevers daar veelal onbetaald verlof van, aldus het pandemierapport. De bonden vatten de situatie samen als een ‘pandemie van uitbuiting’.

Tekst loopt door onder afbeelding.

De toename van chauffeurs uit niet EU-landen die in het west-Europese wegvervoer actief zijn, neemt volgens de bonden ‘explosief’ toe, met truckers uit onder meer Oekraïne, Wit-Rusland, Oezbekistan en de Filipijnen. Ze ondertekenen vaak contracten in een taal die ze niet begrijpen, leven maandenlang illegaal in hun cabines, worden psychologisch en soms zelfs onder dreiging van geweld onder druk gezet en krijgen lonen van tussen de 100 en 600 euro per maand ongeacht het aantal gewerkte uren, zeggen de bonden.

Naast het salaris krijgen de chauffeurs belastingvrije vergoedingen om onderweg in hun onderhoud te voorzien. ‘Zolang ze onderweg zijn en ze alles wat is afgesproken ook daadwerkelijk krijgen, kunnen chauffeurs een gezin onderhouden door niet te veel uit te geven. Maar zodra ze niet kunnen werken, beginnen de financiële problemen pas echt.’

Voor een oplossing van de gesignaleerde misstanden doet Tuur Elzinga, vicevoorzitter van FNV, een beroep op de grote verladers. Multinationals moeten, zo stelt hij, ‘hun verantwoordelijk nemen’ en ‘naleving van de bestaande regels en wetten afdwingen’.

Belgische controle op weekendrust ‘afschrikwekkend’

De Belgische inspectiediensten kampen met een gebrek aan zowel middelen als mankracht, stelt de Nederlandse vakbond FNV. Volgens de Belgische socialistische transportvakbond BTB zorgt het gebrek aan mankracht ervoor dat er in België nog altijd niet voldoende kan worden opgetreden tegen sociale dumping in het wegvervoer. Er werden wel extra inspecteurs geworven, maar volgens BTB compenseren die alleen de uitstroom van personeelsleden. Momenteel beschikt TSW Directie Vervoer over zeven inspecteurs en hun diensthoofd. Vanaf september 2020 zullen dat er nog slechts zes zijn: drie in West-Vlaanderen, twee in Oost-Vlaanderen, één in Limburg en één in Antwerpen. In Vlaams-Brabant en – vanaf september 2020 ook in Antwerpen – zijn er zelfs helemaal geen inspecteurs.

Op een ander gebied scoort België juist weer beter dan diens noorderburen, namelijk het verbod op het houden van weekendrust in het voertuig. Dit wordt in België effectief en afschrikwekkend gehandhaafd. Zo afschrikwekkend zelfs, dat bedrijven hun chauffeurs naar Nederland sturen om de Belgische inspectie te ontlopen. Het Belgische openbaar ministerie omschreef Nederland in een e-mail aan het FNV eerder dit jaar als een ‘toevluchtsoord voor bedrijven’.

Wat betreft bedrijfsonderzoeken treedt België veel strenger op via beslaglegging, het stilzetten van voertuigen en terugvorderen van onrechtmatig verkregen voordelen. Chauffeurs kunnen er via overheidsinterventies hun loon claimen. Terwijl in Nederland de vakbond zich gedwongen ziet aangiftes te doen om zo handhaving en vervolging af te dwingen, neemt de Belgische overheid – bij in de ogen van FNV lichtere zaken – vrachtauto’s gewoon in beslag.