Nutsbedrijf Ørsted, luchtvaartmaatschappij SAS en de luchthaven van Kopenhagen doen eveneens mee aan het project, dat zou kunnen uitmonden in de grootste waterstoffabriek ter wereld, zo meldt DSV Panalpina.

Wanneer de fabriek, met een vermogen van 1,3 gigawatt, in 2030 volledig operationeel is, kan het duurzame waterstof leveren voor emissievrije bussen en zware vrachtwagens van DSV Panalpina, hernieuwbare methanol voor Maersk-schepen en schone vliegtuigbrandstof voor SAS-vliegtuigen en andere maatschappijen die vanuit Kopenhagen vliegen.

CO2-reductie

Het gaat dan jaarlijks om 250.000 ton duurzame brandstof, wat op jaarbasis tot een CO2-reductie van 850.000 ton zou moeten leiden. Het project vereist een grootschalige levering van groene stroom, die mogelijk geproduceerd gaat worden in een windmolenpark op zee bij het Deense eiland Bornholm.

Het project kent drie fases. Fase één omvat het realiseren van een elektrolyser van 10 megawatt. Die moet in 2023 operationeel zijn en waterstof kunnen leveren voor brandstoffen voor bussen en vrachtwagens.

Fase twee omvat een elektrolyserinstallatie van 250 megawatt, die in 2027 zou moeten draaien. Hier wordt de productie van waterstof gefaciliteerd in combinatie met het duurzaam afvangen van koolstof om duurzame methanol te produceren voor zeevervoer en groene kerosine.

In de laatste fase wordt, wanneer het windpark in Bornholm op volle toeren draait, kan het vermogen opgekrikt worden tot 1,3 gigawatt, goed voor meer dan 250.000 ton duurzame brandstof.

Groene toekomst

‘Dit ambitieuze partnerschap past goed bij onze langetermijndoelstellingen om de uitstoot te verminderen en duurzame oplossingen voor onze industrie te vinden. De transportsector is erg belangrijk voor Denemarken, maar laat een aanzienlijke CO2-voetafdruk achter. We streven ernaar manieren te vinden om de weg te effenen voor een groenere toekomst’, aldus Jens Bjørn Andersen, ceo van DSV Panalpina.