Niet iedere vrachtwagenchauffeur stapt meer fluitend de cabine in voor een rit naar Italië nu het coronavirus daar zo hard heeft toegeslagen, vertelt Kevin Bergwerff, van Bergwerff Transport Service uit Ridderkerk.

‘Natuurlijk zijn sommigen wel wat huiverig om die kant op te gaan. Er zijn wat oudere chauffeurs die gezegd hebben: plan mij alsjeblieft even ergens anders in. Hetzelfde geldt voor mensen die thuis een ziek kind hebben. Het merendeel van de chauffeurs rijdt nog wel gewoon naar Italië, en met hen zijn we natuurlijk zo voorzichtig mogelijk. We hebben onder iedereen mondkapjes, handschoenen en desinfecterende handgel uitgedeeld. Bedrijven in Italië waar we laden en lossen, zijn zelf ook bijzonder voorzichtig. Als een chauffeur op een adres buiten de wagen komt, is daar niemand van het bedrijf bij. Laadpapieren worden niet persoonlijk overhandigd. Er is in principe nu geen enkel fysiek contact met Italianen.’

Wetron

Wetron Transport & Logistics heeft het over een andere boeg gegooid. Het Limburgse transportbedrijf is extra veel gebruik gaan maken van intermodaal vervoer. Containers gaan in Duisburg op de trein naar Milaan. Tot voor kort was intermodaal vervoer goed voor circa 70% van de Italië-transporten bij Wetron, nu gaat bijna alles per spoor.

‘Sinds twee weken rijden we amper meer over de weg naar Italië’, vertelt Sjors Roelofsen, accountmanager van Wetron. ‘Het is in de huidige situatie gewoon geen goed idee om je chauffeurs daar nog naartoe te sturen. Alleen echte spoedzendingen rijden we nog wel, en dan geven we chauffeurs een kit mee met beschermingsmiddelen en strikte instructies over afstand houden en dergelijke; de adviezen die inmiddels iedereen wel kent.’

Als de corona-misère in de toekomst voorbij is, zullen er volgens Roelofsen mogelijk niet meer zoveel Wetron-wagens middels wegvervoer op Italië rijden als in het verleden. ‘Intermodaal vervoer is een prima alternatief, daar raken we nu nog meer van overtuigd.’

Beschermingsmiddelen

Chauffeurs van Spanje-specialist Nord Cargo zijn ook nog gewoon actief, vertelt Peter de Geus, algemeen directeur van het transportbedrijf uit Moerdijk. ‘Ze krijgen mondmaskers en andere beschermingsmiddelen mee, kennen alle instructies en moeten in Frankrijk de nodige gezondheidspapieren invullen, maar kunnen verder gewoon rijden.’

Gewoon doorrijden leek er twee weken geleden even niet in te zitten voor dertig chauffeurs van Bolk Transport. Die werden door de Oostenrijkse autoriteiten tegengehouden toen ze vanuit Italië de grens wilden passeren. Op het Bolk-hoofdkwartier in Almelo gingen alle alarmbellen af en vroeg de directie zich nerveus af wanneer het bedrijf de chauffeurs weer terug zou zien, maar volgens een medewerker zijn de chauffeurs inmiddels ‘al lang en breed’ weer aan het rijden.

‘Die toestand heeft maximaal anderhalve dag geduurd. In het begin van de coronacrisis was er veel onduidelijkheid: wat mag er wel, wat mag er niet? Maar inmiddels is de regelgeving op de grensovergangen uitgekristalliseerd en valt ermee te werken.’

Al gaan de dingen beslist niet zo soepel als vóór de coronacrisis, stelt Bergwerff vast. ‘Vandaag heeft een chauffeur van ons er van zeven uur ’s ochtends tot half twee ’s middags over gedaan om vanuit Duitsland de grens met Zwitserland over te komen.’

Regels veranderen elke dag

Bergwerff heeft juist het idee dat regelgeving zowat met de dag verandert. ‘In het weekend kwamen er strengere regels in Italië en moesten niet-essentiële bedrijven dicht, inclusief bedrijven waarbij wij normaliter laden en lossen. Maar nu hebben bedrijven hun deuren toch weer mogen openen.’ Hongaarse chauffeurs van Bergwerff moesten van hun overheid in quarantaine. ‘Die chauffeurs zijn inmiddels weer aan het werk, en de regels in Hongarije zijn ook alweer aangepast.’

De volumes zijn bij Bergwerff niet dramatisch afgenomen. ‘We hebben heus wel wat minder lading dan normaal, maar niet schokkend veel minder. Het transport gaat nog redelijk door. We hebben veel vaste klanten, met name in de high tech. Er gaat ook veel met luchtvracht naar Italië.’

Roelofsen ziet bij Wetron lading wegvallen doordat fabrieken hun deuren voorlopig sluiten. ‘Vooral het transport van levensmiddelen en diervoer loopt nog wel goed, dat blijft altijd doorgaan.’

Nord Cargo heeft in Spanje pakweg de helft van het gebruikelijke ladingaanbod als sneeuw voor de zon zien verdwijnen. De Geus: ‘Airlines waarvoor we vracht vervoerden staan aan de grond, cruiseschepen die we bevoorraden varen niet, de kledingindustrie ligt plat. Het is vooral het vervoer van voedingsmiddelen en medicijnen wat nog doorgaat. We draaien momenteel op halve kracht.’

Veiligheidscontroles

In Spanje mag je alleen nog de straat op om boodschappen te doen, de apotheek te bezoeken of naar je werk te gaan, vertelt De Geus. ‘Onze vier kantoren in Spanje zijn dus nog open, alleen hebben we er een stuk minder te doen dan normaal. En dat geldt voor afleveradressen net zo zeer. Soms komt een chauffeur voor een dichte deur te staan omdat personeel daar ook maar eerder naar huis is gegaan.’

Bedrijven tonen evenwel de wil om er samen het beste van te maken, ziet Roelofsen. ‘Klanten zijn bereid om met ons mee te denken: looptijden worden verruimd, laaddatums worden waar mogelijk aangepast zodat wij in staat zijn om een wagen goed te vullen. Ook gaan ontvangers er coulant mee om als een chauffeur vertraging
oploopt door een van de vele veiligheidscontroles. Klanten houden hun bedrijf dan wat langer open zodat de chauffeur toch zijn lading kan neerzetten. Dat soort dingen zijn heel fijn.’

De Nederlandse Italië- en Spanje-specialisten rijden dapper door, maar net als iedereen zien ze liever vandaag dan morgen dat het coronavirus pootje wordt gehaakt. De Geus: ‘Transportbedrijven hebben niet volop vet op de botten. Ik weet niet hoe lang we deze situatie nog kunnen uitzingen.

Het klinkt op televisie mooi als ministers een pakket noodmaatregelen ontvouwen, maar met extra leningen en uitstel van belasting geef je bedrijven alleen maar uitstel van executie. In hulp van de overheid heb ik dus weinig vertrouwen, maar ik ben de moed niet verloren, hoor. We blijven als vanouds de handen uit de mouwen steken.’