Op dit moment speelt Nederland een zeer voorname rol in de Europese transport en logistiek. Zo is de Rotterdamse haven een belangrijke toegangspoort tot Europa, bijvoorbeeld voor lading die vanuit China en andere Aziatische landen naar Duitsland gaat. Deze situatie staat echter onder druk.

‘Het economische zwaartepunt van Europa verschuift naar het oosten’, aldus de onderzoekers in het rapport Bouwen aan een Grenzeloos Netwerk. Machiel Bode van ING licht toe: ‘De verwachting hierbij is dat de functie van veel grote transportknooppunten en terminals op de middellange termijn zal veranderen. Waar de knooppunten nu een centrale functie vervullen binnen een nationaal netwerk, zullen zij steeds meer verworden tot regionale centra in een Europees netwerk en zich meer specialiseren in een bepaalde functie of ladingtype.’ Daar komt bij dat multinationals vermoedelijk vaker hun Europese hoofdlocaties in Oost-Europa gaan vestigen.

Gdansk en Duisburg

Een voorbeeld van het groeiende belang van Oost-Europa is de opkomst van de haven van het Poolse Gdansk, aan de Oostzee. Het volume in deze haven stijgt, terwijl het havenbestuur hengelt naar miljoenen uit het Verre Oosten, vooral uit Singapore, om de capaciteit te vergroten.

Ook de spoorverbinding tussen China en Europa speelt een belangrijke rol. De lading op deze route zou anders waarschijnlijk met containerschepen naar West-Europa worden verscheept, onder meer naar Rotterdam. Echter, bij goederen die via het spoor naar Europa gaan, wordt Rotterdam overgeslagen, bijvoorbeeld omdat Duisburg een steeds belangrijkere draaischijf wordt voor logistiek in Midden-Europa.

De positie van Duisburg wordt de komende jaren waarschijnlijk alleen maar sterker, mede door de ligging, centraal in het Ruhrgebied. De haven heeft concrete plannen om de grootste Europese inlandterminal voor containers aan te leggen, met een oppervlakte van 220.000 vierkante meter. Het Chinese staatsconcern Cosco is een van de initiatiefnemers van de terminal, die in 2022 gereed moet zijn.

De verwachting is dat rondom de Duitse havenstad een nog beter netwerk van verbindingen komt. Nederlandse ondernemers doen er goed aan om aansluiting te zoeken bij dat netwerk. ‘De kunst is om Duisburg niet als concurrent te zien, maar als samenwerkingspartner’, aldus de onderzoekers.

Investeringen

De logistieke sector moet daarom blijven investeren in haar achterlandvoorzieningen, haar mainports en de verbindingen tussen logistieke hubs, is een van de belangrijke conclusies uit het rapport. ‘De focus moet liggen op toegevoegde waarde, die voornamelijk in het achterland ligt.’ Hierin zien de onderzoekers een belangrijke rol weggelegd voor de politiek, die haar steentje moet bijdragen aan de continue verbetering van de Nederlandse logistiek, bijvoorbeeld door investeringen in infrastructuur.

Maar ook de mainports en vervoerders moeten de ontwikkelingen nauwgezet blijven volgen. ‘Daarnaast moeten ze samenwerkingen zoeken buiten de gebaande paden en zo hun grensoverschrijdende netwerk uitbouwen. Tevens moet in het eigen achterland worden ingezet op het winnen van marktaandeel in Midden- en Zuid-Duitsland’, aldus Ronald Kuipers van TVM. ‘Samenwerken binnen de sector en het bundelen van krachten is cruciaal om de performance van Nederland als belangrijke logistieke hub binnen Europa te verbeteren.’

Digitalisering

Ook verduurzaming en digitalisering zijn veranderingen waar de transportsector onherroepelijk mee te maken krijgt. Van vervoerders wordt verwacht dat zij hun wagenpark verduurzamen, bijvoorbeeld door de aanschaf van trucks die rijden op elektriciteit of op vloeibaar aardgas (lng).

Daarnaast biedt digitalisering tal van mogelijkheden waarmee vervoerders de kwaliteit van hun dienstverlening kunnen verbeteren. Denk aan de track-and-tracesystemen en de elektronische vrachtbrief. Nu deze opties er zijn, verwachten steeds meer klanten dat vervoerders ze ook daadwerkelijk gebruiken.

Volgens het rapport moeten transporteurs, vanwege al deze ontwikkelingen, hun processen en strategieën nog eens onder de loep te nemen, zoals sommige andere vervoerders in het verleden al hebben gedaan.

GVT Group of Logistics

Het rapport beschrijft onder meer de transitie die GVT Group of Logistics heeft doorgemaakt. In het verleden lag de focus van het bedrijf op internationaal wegtransport, maar ze merkten dat daar weinig mee te verdienen viel en hebben daarom de activiteiten afgestoten. Daarvoor in de plaats kwam een focus op Benelux-distributie met eigen auto’s. Om het benodigde distributienetwerk volledig in eigen beheer te krijgen, heeft GVT enkele overnames gedaan, met de aankoop van Greuter Logistics, Van der Scheur en Huisman Transport. De aanvankelijke plannen voorzagen in een directe intermodale verbinding met de haven van Rotterdam, maar inmiddels is het vizier ook gericht op het oosten. Zo heeft GVT een directe spoorverbinding tussen de eigen railterminal in Tilburg en Chengdu, in het midden van China.

‘In lijn met de ideeën over een grenzeloos netwerk, komen in toenemende mate goederen die eerst via Rotterdam naar de distributiecentra van GVT kwamen, nu ook over het spoor vanuit het oosten binnen. Ze hebben hierop ingespeeld door ervoor te zorgen dat treinen vanuit China doorrijden van Duisburg naar Tilburg’, aldus de bank.

Dit laat zien dat de stijgende populariteit van de Nieuwe Zijderoute volop kansen biedt. Niet alleen voor wat betreft goederenstromen uit China, maar ook voor lading uit Oost-Europa. ‘Door de Nieuwe Zijderoute wordt Oost-Europa beter ontsloten, wat tot kansen kan leiden voor Nederlandse exporterende bedrijven. Oost-Europese producten kunnen per trein naar Nederland komen en vandaar verder over de wereld worden vervoerd. Tevens zorgen betere spoorverbindingen voor een groter achterland van de Rotterdamse haven.’

Nunner Logistics

Nunner is van oudsher actief met spoorvervoer richting Rusland en Centraal-Azië. Het bedrijf haakte al in een vroeg stadium aan bij de opkomst van het spoorvervoer over de Nieuwe Zijderoute en is inmiddels een van de meest vooraanstaande spelers op deze route. Het in Helmond gevestigde bedrijf is in dit verband een samenwerking aangegaan met Chinese partners en het heeft inmiddels vijf kantoren in het Aziatische land. In 2018 heeft Nunner besloten om Amsterdam rechtstreeks aan de Zijderoute te verbinden. Dit vanwege de strategische ligging van de hoofdstad voor wat betreft shortsea-verbindingen met onder andere het Verenigd Koninkrijk en omdat het Amsterdamse havenbedrijf het zelf graag wilde. ‘Nunner laat zien dat zij hebben ingespeeld op de veranderingen in de markt, met spoorvervoer van China naar Helmond, dat aansluit op hun dagelijkse groupage-lijnen’, aldus ING.

Vos Logistics

Naast de opkomst van Oost-Europa en China, is de grote duurzaamheidsopgave een andere uitdaging voor transport en logistiek. Vos Logistics uit Oss wil zich op dit vlak graag onderscheiden. Het heeft daarom sinds 2010 een actief duurzaamheidsbeleid. Onderdeel hiervan is onder meer het gebruik van lng-trucks en van ecocombi’s (LZV’s). Tevens publiceert het bedrijf elk jaar een duurzaamheidsverslag.

Naast duurzaamheid besloot Vos ook om aansturing en administratie naar Roemenië te verplaatsen. Het Brabantse bedrijf heeft de switch naar het oosten dus al gemaakt en onderhoudt netwerken in heel Europa, middels dertig vestigingen verspreid over het continent. Daarnaast werd de focus verlegd. Vroeger waren de logistieke activiteiten alleen gericht op internationaal vervoer. Inmiddels ligt de nadruk op het versterken van (fijn)distributie, warehousing en e-fulfilment in de Benelux, getuige de recente overname van Snel Shared Logistics. Ook investeringen in digitalisering, zoals kunstmatige intelligentie en ‘predicted planning’ zijn een belangrijke pijler in de strategie van Vos.