Logistieke dienstverleners doen afstand van hun truckvloten, storten zich massaal op expeditie en op elektrisch stadsvervoer, daarmee soms ver verwijderd rakend van hun historische wortels. Daarmee wordt het nieuwe jaar opnieuw een ‘transitiejaar’ voor de wegtransportbranche.

Hoe ziet 2020 er uit voor ondernemers die actief zijn in het wegtransport?

De glazen bol biedt een diffuus beeld. Het is duidelijk dat de conjunctuur in Europa een verzwakking laat zien, waarvan het verloop zich nog niet laat voorspellen. De meeste economen zijn het er wel over eens dat een echte recessie in de meeste landen niet op de loer ligt. Het nieuwe handelsakkoord tussen de kemphanen Verenigde Staten en China is goed nieuws. Misschien komt het ook met de Brexit nog goed, al zal het jaren duren voordat het Verenigd Koninkrijk zijn handelsrelaties met de rest van Europa en de wereld weer op orde heeft.

Hoe is het jaar eigenlijk begonnen?

De berichten over de korte termijn zijn tegenstrijdig. Zo is het aantal tonkilometers op de Duitse tolwegen, het grootste verkeersplein van Europa, in december met 0,6% gedaald in vergelijking met de voorgaande maand. Dat is vrij bijzonder, omdat wegvervoerders het meestal rondom de feestdagen aan het eind van een kalenderjaar mensen en wielen tekortkomen om alle aangeboden lading weg te werken.

Daar staat tegenover dat volgens de Transport Market Monitor van Transporeon en Tim Consult de vrije vrachtcapaciteit in het Europese wegvervoer in de loop van 2019 juist stevig is gedaald. In december bedroeg de daling van het aanbod aan laadruimte ongeveer 20%; de monitor zakte van 128,1 naar 102,4 punten in vergelijking met de maand ervoor. De vrachtprijzen namen intussen met wel acht punten toe, van 100,1 naar 108,5. Toch waren de transportprijzen weer 1,8% lager dan in december 2018.

Deze waarnemingen zijn dus moeilijk met elkaar te rijmen. Volgens Oliver Kahrs, directeur van consultant Tim Consult betekenen ze zeker niet dat 2020 eenzelfde trend laat zien. In belangrijke verladende sectoren, zoals de chemie, de metaal- en staalbewerking en de autoproductie zien we een zeer krachtige daling van de transportvraag op de spotmarkt, met percentages oplopend tot bijna 20 in de chemie.

Gemengde vooruitzichten, dus?

Er valt weinig uit op te maken en negatieve prognoses overheersen. Het wegvervoer heeft nu een reeks van zeven relatief goede jaren beleefd, waarin omzetten en volumes vaak flink stegen. In 2020 zou het feest wel eens voorbij kunnen zijn. We zien al een duidelijke groei van het aantal faillissementen in het wegvervoer in Nederland. Daar komt bij dat de marges in de afgelopen groeijaren geen gelijke tred hielden met de toenemende volumes. Nog steeds veel bedrijven in deze bedrijfstak hebben geen kans gezien weer een voldoende ‘vetlaag’ op te bouwen om ernstige tegenslag de baas te kunnen.

Een algemene trend is dat logistieke ondernemingen het feitelijke wegvervoer buiten de deur zetten en hun rol in bijvoorbeeld de expeditie en het intermodale vervoer willen versterken. We zagen dat onlangs bij Koninklijke Rotra, dat zijn ‘wielen’ verkocht en zich nu grotendeels nog concentreert op de binnenvaart. Zo legt H&S zich ook steeds meer toe op dienstverlening zonder eigen in transportmiddelen vastgelegd vermogen.

Dit zijn twee voor Nederlandse begrippen vrij grote bedrijven. Het resultaat van zulke strategische beslissingen zal een verdere versplintering van het wegvervoer zijn, met een nog toenemend aantal zeer kleine bedrijven die het feitelijke wegtransport voor hun rekening nemen.

Wat voorspellen de banken?

De grootbanken ABN Amro en ING schrijven voor dit jaar voor het wegvervoer een mager plusje van 0,5% in volume in de boeken. Voor de hele sector transport en logistiek houdt de eerste bank het op een plus van eveneens 0,5%, bij de ING wordt nog gerekend op een groei met 1%. Beide banken zijn dus niet optimistisch over dit jaar, maar denken dat er volgend jaar weer een hervatting van de groei zou inzitten.

Bij beide banken is de branche ‘post en koeriers’ de aanhoudende winnaar, met groeicijfers van dik 2,5 à 3%. ABN Amro houdt het voor volgend jaar zelfs op 4%. Het zal niemand verbazen dat deze sterke prestatie te danken is aan de voortdurende opmars van het thuiswinkelen. De groei daarvan zal niet meer zo uitbundig zijn als in het vorige decennium, maar zet nog steeds sterk door.

Bij ABN Amro is de binnenvaart dit jaar de grote verliezer, met een krimp van 1%. Die is niet verwonderlijk, gelet op het herstel met 1,5% in vergelijking met het laagwaterjaar 2018. Voor volgend jaar voorspelt deze bank weer een groei met 3%. Net als het wegvervoer heeft de binnenvaart te maken met de grote inzinking van het transport van bouwmaterialen, als gevolg van de pfas-crisis.

De bouw zal zich dit jaar van de gevolgen daarvan nog niet geheel kunnen herstellen. Sectoren waarvan het wegvervoer het voorlopig vooral moet hebben zijn de groot- en detailhandel en de horeca. De consument krijgt er ook dit jaar betrekkelijk weinig koopkracht bij, maar is wel bereid het geld te laten rollen.

Daarbij slaat de consument de stenen winkel steeds meer over om in de luie stoel via internet te postorderen.

Ja, maar daar hebben we meteen één van de grootste hoofdbrekens van de transport- en logistieke sector te pakken. Om te beginnen zijn er de ‘retouren’. Onlangs voorspelde UPS, één van de grootste pakketvervoerders ter wereld, dat de ‘retourpiek’ dit jaar daags na de jaarwisseling op mondiaal 1,9 miljard zendingen uitkwam, ruim een kwart meer dan een jaar eerder. Mensen zijn kennelijk toch niet blij met wat ze onder de kerstboom aantreffen en sturen die zendingen terug. Volgens UPS Benelux kijkt 54% van de consumenten wereldwijd naar het retourbeleid van een webwinkel en logistieke dienstverlener.

De pakketbezorging bij de mensen thuis kent meer problemen. Veel van wat ze vervoeren is in feite ‘lucht’. De aanbieders van lading verpakken hun zendingen, zo bleek onlangs uit een consumentenprogramma van de Duitse omroep RBB (Berlijn/Brandenburg), min of meer lukraak in kartonnen dozen die voor het doel veel te groot zijn.

Dat leidt tot grote verspilling van verpakkingsmateriaal. Vroeg of laat krijgt ook de transportbranche zelf daarmee te maken. De online handel in de huidige vorm kon wel eens veel minder lucratief zijn dan veel wegvervoerders vermoeden.