Het volledig doorbrengen van de 45-uursrust in de cabine is sinds begin 2018 niet meer toegestaan. Dat besloot het Europees Hof eind 2017. De nieuwe regels moeten voorkomen dat chauffeurs maandenlang in hun cabine verblijven, zonder ooit een hotelkamer of andere overnachtingsplek te zien. Inspectiedienst ILT is in Nederland belast met de controles op dit verbod. Als een overtreding wordt geconstateerd, kunnen werkgevers een boete krijgen van 1500 euro.

Echter, de vakbond is van mening dat de controle- en boete-aanpak in praktijk niet werkt. De pakkans is laag door de beperkte capaciteit van de ILT. Ook meent FNV dat het boetebedrag van 1500 euro niet opweegt tegen de voordelen van het laten slapen van de chauffeurs in de cabine.

Het resultaat van deze, in de ogen van FNV, nogal halfslachtige aanpak is dat veel chauffeurs nog steeds voor lange periodes in hun cabines verblijven. Daar wil de bond middels een rechtszaak wat aan doen.

De argumenten van de vakbond zijn begrijpelijk. De pakkans is inderdaad vrij laag, omdat het aantal ILT-controleurs beperkt is. En als een vervoerder toch gepakt wordt, is een boete van 1500 euro een acceptabel risico in vergelijking met de uitgaven die je moet doen om telkens een overnachtingsplek te regelen voor de chauffeurs. Tevens blijkt dat het aanvechten van boetes vaak, zo niet altijd, succes heeft. De nogal vage formulering van het verbod op cabinekamperen draagt hieraan bij.

De stap van de bond roept ook een andere vraag op. Zorgt een verbod op cabinekamperen nou daadwerkelijk voor betere leefomstandigheden? Kom je als chauffeur meer tot rust op een slaapzaal met diverse andere collega’s, waar weinig ruimte is voor privacy en waar mogelijk snurkende collega’s je nachtrust verstoren. Of is een truckcabine, mits uitgerust met goede slaapfaciliteiten, misschien beter voor de chauffeur?

Dit laatste zou wel betekenen dat de huidige regels moeten worden aangepast. Op dit moment mag een chauffeur de 45-uursrust namelijk ook in een goed uitgeruste cabine niet doorbrengen, zelfs niet op een goed beveiligde parking. Dit laatste brengt dan weer met zich mee dat de business case voor dergelijke parkeerplaatsen slecht is, waardoor partijen weinig interesse hebben om een dergelijke faciliteit aan te leggen. Dit houdt het grote tekort aan goede trucparkings in stand.

Kortom, tijd voor een grondige herziening van dit cabinekampeerbeleid. Hopelijk is de FNV-rechtszaak hiervoor een eerste stap.

Lees ook: FNV sleept ILT voor rechter: controle cabinekamperen te slecht