Door de maatregel moet de CO2-emissie van het wegvervoer fors worden verminderd. Er is niet alleen voor 2025 een doelstelling afgesproken, ook voor 2030 zijn restricties opgesteld. In dat jaar moet de uitstoot zelfs met 30% zijn gereduceerd. Het komende jaar, tot en met 30 juni 2020, is de referentieperiode. Dan wordt de nulmeting gedaan.

De nieuwe vrachtwagens van de categorieën N2 en N3 waarop deze maatregel betrekking heeft zijn:

  • niet-gelede vrachtwagens met een asconfiguratie van 4 x 2 en een technisch toelaatbare maximummassa in beladen toestand van meer dan zestien ton
  • niet-gelede vrachtwagens met een asconfiguratie van 6 × 2
  • trekkers met een asconfiguratie van 4 × 2 en een technisch toelaatbare maximummassa in beladen toestand van meer dan zestien ton
  • trekkers met een asconfiguratie van 6 × 2.

De fabrikanten van deze zware vrachtwagens worden gecontroleerd door de EU en elk jaar verschijnt een lijst met de CO2-emissies van iedere fabrikant. De commissie verwacht een vermindering van 54 miljoen ton CO2-uitstoot tussen 2020 en 2030.

Sjoemelsoftware

Om het gebruik van ‘sjoemelsoftware’ tegen te gaan, zal de Europese Commissie regelmatig de gegevens over de werkelijke CO2-emissie en het werkelijke energieverbruik verzamelen. Ook zal het publiek op de hoogte gehouden worden van deze emissies.

De uitstoot van zware trucks wordt bijgehouden door Vecto (Vehicle Energy Consumption Calculation Tool), die alle nieuwe vrachtwagens vanaf 1 januari 2019 verplicht aan boord hebben. De vervoersbedrijven zullen een besparing van 25.000 tot 55.000 euro aan de pomp hebben door deze nieuwe maatregelen, verwacht de commissie. Ook zal er volgens hen tot 170 miljoen ton olie bespaard worden tussen 2020 en 2040.

Elektrificatie willen wij ook, maar daar is nu nog geen businessmodel voor

Voor veel fabrikanten zijn deze maatregelen niets nieuws. Scania is bijvoorbeeld zelf al druk bezig met schoner rijden. Woordvoerder Nico van der Klugt: ‘We zijn al jaren bezig met voertuigen op lng, cng en biobrandstof, Deze regels stimuleren ons om daar verder mee te gaan. Elektrificatie willen wij ook, maar daar is nu nog geen businessmodel voor, zolang elektrische trucks twee keer zo duur zijn als ‘gewone’ vrachtwagens. Voorlopig zien we de verbrandingsmotoren nog niet verdwijnen. We zijn er wel mee bezig en het hybride voertuig wat we nu hebben, wordt ergens in de komende jaren full electric. Onze vrachtwagens voldoen altijd aan de wet.’

Ook Volvo is druk bezig. ‘Lng en elektriciteit zien wij als belangrijkste oplossingen om milieuvriendelijker te rijden en wat ook toekomstbestendig is. We doen al veel met deze relatief schone brandstoffen, dat wordt alleen maar meer. Dat de Europese Commissie met deze maatregelen komt, juichen wij alleen maar toe. We waren al met deze ontwikkelingen bezig en we gaan daar zeker mee door’, aldus Marike Dijk.

MAN is naast de verbetering van de brandstof ook met andere technische snufjes bezig. ‘Groen klinkt leuk’, zegt Ivar ten Tuijnte van MAN. ‘Maar in hoeverre is dat ook echt groen? Gebruik je groene stroom voor je elektriciteit? En biologische of fossiele lng? Dat maakt nogal wat uit. Wij hebben al wel een aantal elektrische vrachtwagens. Die rijden voornamelijk in Oostenrijk rond. Dat is vooral omdat daar betere voorzieningen zijn voor het opladen, daarvan ben je ook afhankelijk. Ook met groene brandstof.’

‘Het is niet overal even goed verkrijgbaar en dat maakt het lastig om groen te rijden. Het is al snel een kip-of-ei-verhaal. Onze trucks zijn allemaal vrijgegeven voor HVO en vanaf 2020 gaan we een bepaald deel van onze vrachtwagens elektrisch maken. Vooral de vrachtwagens die in de binnensteden komen, laten we op elektrisch overgaan. Dat zorgt voor minder vervuiling en minder herrie. Daarnaast doen we technische verbeteringen aan onze vrachtwagens, we maken ze aerodynamischer en we verbeteren de rolweerstand van de wielen.’

Besparingen

Dat past in het plan van de EC om de mobiliteit in Europa schoner en veiliger te maken. Meer aerodynamische vrachtwagens, etikettering van banen en een actieplan voor batterijen moeten helpen bij de overgang naar schonere mobiliteit, waarbij de commissie flinke besparingen voorziet voor transportbedrijven.

Zo levert een lager brandstofverbruik de transportondernemingen gemiddeld een besparing van 25.000 euro op. De veiligheid wordt vergroot door negentien geavanceerde veiligheidsvoorzieningen, zoals geavanceerde noodremsystemen en rijstrookassistentie voor auto’s en systemen die vrachtwagenchauffeurs attent maken op de aanwezigheid van voetgangers en fietsers.

Vooral de vrachtwagens die in de binnensteden komen, laten we op elektrisch overgaan

Er is een budget van 450 miljoen euro beschikbaar voor de ondersteuning van bijvoorbeeld bovenstaande projecten en initiatieven van de lidstaten op het gebied van verkeersveiligheid, digitalisering en multimodaliteit. Daarnaast richt de EC zich meer en meer op de toekomst van batterijen, het research doen naar en testen van batterijen die kunnen worden gebruikt in trucks en andere vervoermiddelen. Door de kennis uit meerdere landen samen te brengen, is Europa in staat om goed en gedegen onderzoek te doen en met passende oplossingen te komen.

De maatregelen voor zware trucks zijn een begin van de emissiereductie voor het vervoer in Europa. Deze trucks zijn goed voor 65 tot 70% van alle CO2-uitstoot. Als deze maatregelen in 2022 geëvalueerd worden, komt ook het minder grote verkeer in Europa aan de beurt voor het verminderen van de CO2-uitstoot. Dan wordt gekeken naar het nut van deze maatregelen voor de kleinere vrachtwagens, mini-trucks, bussen en aanhangers. Hiermee draagt iedere vervuiler bij aan een schoner milieu en minder opwarming van de aarde.

De belangrijkste nieuwe regels

  1. De emissies van CO2-uitstoot van zware vrachtwagens verminderen met 15% tussen 2025 en 2029. Vanaf 2030 moet dit minimaal 30% zijn.
  2. Dit geldt voor nieuwe voertuigen van de categorieën N2 en N3.
  3. De Commissie bepaalt ieder jaar voor elke fabrikant de gemiddelde specifieke CO2-emissies in gram per tonkilometer voor het voorgaande kalenderjaar.
  4. Vanaf 2020 bepaalt de Commissie ieder jaar voor elke fabrikant de factor voor emissievrije en emissiearme voertuigen voor het voorgaande kalenderjaar.
  5. Als een fabrikant overtollige emissies heeft in een bepaald kalenderjaar vanaf 2025, legt de Commissie een bijdrage voor overtollige emissies op, die met onderstaande formule wordt berekend.
  6. De Commissie publiceert, door middel van uitvoeringshandelingen die jaarlijks uiterlijk op 31 oktober moeten worden vastgesteld, een lijst met de gemiddelde CO2-emissie per fabrikant per jaar.
  7. De Commissie monitort en beoordeelt in hoeverre de bepaalde waarden voor de CO2-emissies en het brandstofverbruik representatief zijn voor de werkelijkheid.
  8. De Commissie dient uiterlijk op 31 december 2022 een verslag in bij het Europees Parlement en de Raad over de doeltreffendheid van deze verordening, de CO2-reductiedoelstelling voor 2030 en de vaststelling van CO2-reductiedoelstellingen voor andere soorten zware bedrijfsvoertuigen, waaronder aanhangwagens.