‘Den Haag’ heeft samen met overheden, belangenorganisaties en marktpartijen een akkoord opgesteld over hoe Nederland zijn duurzaamheidsdoelstellingen moet gaan halen. Daarin speelt het vrachtvervoer uiteraard een belangrijke rol.

Stadsdistributie

Vooral in de stadsdistributie moet de omslag naar uitstootvrij transport snel worden gemaakt. De grootste dertig tot veertig steden van Nederland moeten uiterlijk in 2020 een plan hebben gemaakt voor een milieuzone in het stadscentrum. Andere, kleinere gemeenten mogen zich hierbij aansluiten. Met ingang van 2025 moeten deze milieuzones worden ingevoerd. In deze zones mogen in beginsel alleen vrachtwagens komen die uitstootvrij zijn.

Voor sommige Euro VI-trucks wordt tot 2030 een uitzondering gemaakt. Bakwagens die op 1 januari 2025 jonger zijn dan vijf jaar, mogen de milieuzone nog wel in. Dit geldt tevens voor trekkers die op die datum jonger zijn dan acht jaar. Deze uitzondering geldt voor de duur van vijf jaar. Vanaf 2030 komt geen enkele dieseltruck de stad meer in.

Voor vrachtwagens die vanaf 1 januari 2025 worden aangeschaft, gaan strengere regels gelden. Nieuwe trucks die de stad in willen, moeten zero emissie zijn. Euro VI-trucks die in of na 2025 worden gekocht, komen dus de milieuzone niet meer in.

Subsidie

Om de overstap naar elektrisch transport te versnellen, stelt het kabinet 94 miljoen euro subsidie beschikbaar. Dit is geen jaarlijks bedrag, maar een totaalbedrag tot 2025. Het gaat om een aanschafsubsidie die maximaal 40% bedraagt van de meerprijs van een uitstootvrije truck ten opzichte van een fossiel alternatief. Deze subsidie geldt ook voor hybride vrachtwagens. Daarnaast komt er voor bestelbussen een soortgelijke regeling, waarbij een pot van 185 miljoen euro te verdelen valt.

Tevens moeten er andere stimuleringsmaatregelen komen voor elektrisch transport. Het Rijk bekijkt samen met lokale overheden naar de mogelijkheid om elektrische vrachtwagens bijvoorbeeld toegang te geven tot aantrekkelijke parkeer- en verzorgingsplaatsen.

Achterland

Ook het lange-afstandstransport moet zijn steentje bijdragen. In het akkoord staat dat het achterland en het continentaal vervoer samen 30% minder CO2 mogen uitstoten in 2030.

Dit moet onder meer komen door het verbeteren van de efficiency, bijvoorbeeld via innovatieve logistieke concepten, het slim delen van data en het verbeteren van de beladingsgraad. Ook het stimuleren van waterstof- of batterij-elektrische vrachtwagens, een schonere binnenvaart en het verder elektrificeren van het spoor moeten zorgen voor CO2-reductie.

Lng en waterstof

Tevens wordt gekeken naar een compensatieregeling voor bio-lng in 2019 en 2020. Tot het einde van vorig jaar konden vervoerders en verladers accijns terugvragen van de getankte lng. Deze regeling werd, tot verbazing van velen, niet verlengd.

Nu zijn er concrete plannen om toch weer een teruggaveregeling in het leven te roepen. Volgens het klimaatakkoord gaat het echter uitsluitend om bio-lng en niet om de reguliere, grijze variant.

Daarnaast wordt de ambitie uitgesproken om het gebruik van waterstof in het transport te stimuleren. Hiervoor moet in 2020 een convenant worden afgesloten tussen onder meer autoproducenten en energieleveranciers. Dit moet resulteren in een netwerk van vijftig waterstofstations en drieduizend zware waterstofvoertuigen in 2025.

Dieselaccijns

Om alle duurzaamheidsplannen te financieren, zijn diverse maatregelen voorgesteld. Zo gaat in 2021 en 2023 de accijns op diesel telkens met 1 cent per liter omhoog. Ook wordt de korting op de motorrijtuigenbelasting voor bestelbussen afgebouwd. Hierbij gaat het om een stijging van 2 euro per maand per bestelbus vanaf 2021 tot en met 2024.

Het Klimaatakkoord is nog niet definitief. De Eerste en Tweede Kamer moeten nog hun goedkeuring geven.

Lees hier hier het volledige Klimaatakkoord.