Volgens de 25 verkeersscholen, die zich hebben verenigd in Stichting Gelijk Speelveld Transportopleidingen, is er ‘ernstige verstoring van de markt’. De stichting verzocht ACM in oktober 2018 om in te grijpen.

Gesubsidieerd

STL biedt BBL-opleidingen aan, die door SOOB worden gesubsidieerd. Hiermee stromen jaarlijks ruim duizend leerlingen in op de arbeidsmarkt als chauffeur beroepsgoederenvervoer. Verkeersscholen die de BBL’ers willen opleiden, kunnen zich hiervoor aanmelden.

Uiteindelijk mogen negentien verkeersscholen zich BBL-opleider noemen. ‘Deze aanbestedingen hebben geenszins geleid tot een level playing field’, is de conclusie van de protesterende opleiders. ‘Zij moeten zich bovendien committeren aan extreem lage prijzen die STL voorschrijft.’

Verplichte testdag

Een van de bezwaren van de opleiders is de procedure bij de SOOB-subsidieregeling voor de zogeheten zij-instromers en doorstromers. Deze twee doelgroepen zijn verplicht mee te doen aan een intake bij STL en een testdag die alleen mag worden afgenomen bij een van de negentien verkeersscholen die STL heeft uitgekozen voor het opleiden van BBL-leerlingen. Volgens de stichting is dit ten nadele van de 81 andere gekwalificeerde rijscholen met een SOOB-certificaat.

De verkeersscholen noemen dit ongewenste sturing. ‘STL houdt op deze wijze zicht op elke instromende en doorstromende kandidaat en de geselecteerde negentien verkeersscholen krijgen dankzij deze procedure de kandidaten feitelijk in de schoot geworpen’, aldus de opleiders. ‘Deze groep leerlingen is evident veel omvangrijker dan alleen de BBL-leerlingen. De leerling wordt zonder zijn weten en zonder keuze vooraf ‘gestuurd’ naar een STL-opleider.’

Verstoring

Volgens de verkeersscholen is er ‘ernstige verstoring van de markt’. Ze verzochten ACM enkele maanden geleden om in te grijpen. ‘De transportsector is gebaat bij een maximale instroom van kandidaat-chauffeurs, zeker bij de huidige hoge tekorten. Een gezonde samenwerking tussen alle betrokken partijen is daarbij nodig.

De stichting wil als oplossing de aanbesteding van de BBL-opleidingen afschaffen. Ook wil de Stichting Gelijk Speelveld Transportopleidingen van de verplichting af om alleen rijtesten af te laten nemen door STL-opleiders.

Onwaarschijnlijk

De ACM heeft het handhavingsverzoek van de stichting afgewezen. ‘Het is onwaarschijnlijk dat SOOB/STL een economische activiteit verricht, een economische machtspositie heeft en daarvan misbruik maakt; het is bovendien twijfelachtig of er schade is, omdat het sturende effect beperkt lijkt en de verplichte testdag meerwaarde lijkt te hebben.’

Uit eigen onderzoek van SOOB/STL zou blijken dat 87% van de kandidaten kiest voor een opleiding bij een andere rijschool dan waar de testdag is gedaan. ‘Als er al een sturend effect is, is dit effect beperkt.’

SOOB/STL heeft aan de ACM onder meer verklaard dat zij de BBL-opleiders hebben gekozen als verplichte testers omdat deze ‘voldoende kritische massa’ zouden hebben en ‘operationele slagkracht’ voor het testen.

‘De ACM ziet als meerwaarde van de testdag dat deze de leerlingen en hun toekomstige werkgevers in staat stelt om goed geïnformeerd over hun slagingskans en daarmee het risico om tijd en geld te verliezen, te beslissen of ze aan de opleiding willen beginnen. De ACM kan niet beoordelen of de verplichting de testdag te doen bij BBL-opleiders gerechtvaardigd is, maar sluit de mogelijkheid niet uit.’

Zeer teleurgesteld

Stichting Gelijk Speelveld Transportopleidingen beraadt zich nu op vervolgstappen. ‘We zijn zeer teleurgesteld’, zegt Hans Rutten, voorzitter van de stichting en directeur van Vervoerscollege Venlo.

‘ACM geeft geen prioriteit aan deze zaak, ze zien het maatschappelijk belang er niet van. Ze baseren zich op cijfers van een onderzoek van SOOB/STL, dat natuurlijk niet onafhankelijk is. Bovendien pakken ze er slechts één element uit, namelijk de testdag, terwijl onze klacht veel breder is. Dit is heel frustrerend.’