Truck platooning kan zorgen voor een hogere verkeersveiligheid, besparing op brandstof en een betere verkeersdoorstroming. Maar als transporteurs alleen hun eigen voertuigen aan elkaar kunnen koppelen, is de kans op een mooi peloton erg klein.

In het ideale geval starten minimaal twee trucks op exact hetzelfde moment aan een rit met gelijke herkomst en bestemming. En wanneer één van de voertuigen een langere route heeft, dat het grootste gedeelte daarvan toch samenvalt. Via platoon matching kunnen vrachtwagens op basis van hun route zo lang mogelijk aan elkaar gekoppeld worden. Daartoe is echter wel samenwerking nodig tussen transporteurs om hun data te delen.

On-the-fly platooning

Er zijn verschillende manieren om vrachtwagens met elkaar te matchen. Je kunt een peloton van tevoren inplannen (scheduled platooning), maar het is ook mogelijk om nieuwe matches te vinden op basis van de actuele situatie op de weg (on-the-fly platooning).

Om de gevolgen van deze verschillende strategieën in kaart te brengen, hebben de afgelopen jaren diverse partijen uit de logistieke sector onder leiding van TKI Dinalog en TNO onderzoek gedaan naar Truck Platoon Matching. Tijdens het onderzoek is er vooral gekeken naar ‘two-truck platooning’.

Hierbij rijden twee trucks met behulp van technieken op een volgafstand van 0,3 seconde, ofwel 6,7 meter bij een snelheid van tachtig kilometer per uur. De potentiële brandstofbesparing van 10% wordt namelijk alleen gerealiseerd als de volgafstand minder dan tien meter bedraagt. In dat geval is immers de luchtweerstand voor de volgende vrachtwagen veel minder.

Transporteurs

‘Transporteurs staan in principe positief tegenover platooning met andere transporteurs, mits dat goed is geregeld. Op de korte termijn verwachten zij vooral scheduled platooning te gebruiken, maar op de lange termijn zien zij meer in on-the-fly varianten’, meldt het eindrapport Two Truck Platoon Matching.

Tijdens het onderzoek is gekeken hoeveel procent van de vrachtwagenritten door de deelnemende partijen (in totaal 268 trucks) gecombineerd zou kunnen worden in een peloton. Voor scheduled platooning is er gekeken naar overlappende route delen. De on-the-fly strategie is gesimuleerd door voor alle ritten de routes in plaats en tijd te analyseren.

Matching percentage

‘Afhankelijk van de gehanteerde parameters was het matching percentage (percentage van de ritten dat in platoon gereden kon worden) voor scheduled tussen de 2-6% en on-the-fly platooning tussen de 5-13%. Een hybride strategie van platoon matching is een logische volgende stap’, aldus het rapport.

Scheduled platooning wordt alleen als mogelijkheid gezien indien de wachttijd korter is dan tien minuten. Maar ook bij on-the-fly wordt wachten als zeer nadelig ervaren. Extra planning wordt door de deelnemende transporteurs gezien als een nadeel.

De business case voor de vier deelnemende transportbedrijven was slechts beperkt positief, uitgaande van twee actieve bestuurders en een two-truck peloton. Maar door het aantal vrachtwagens significant uit te breiden en uit te gaan van een rusttijd van de tweede bestuurder, wordt de business case beduidend gunstiger. Het is echter volgens de onderzoekers nog de vraag of de inactieve tijd van de tweede bestuurder werkelijk als rusttijd opgevat kan worden.

Cao

‘In eerste instantie zullen de chauffeurs van zowel het leidende als het volgende voertuig actief moeten opletten. In deze fase is dus geen besparing op arbeidskosten mogelijk’, aldus het rapport.

‘In de tweede fase die wordt onderscheiden zal, afhankelijk van de regelgeving en van de cao’s met chauffeurs, de bestuurder van de volgende vrachtwagen zijn rustpauze door kunnen brengen in het voertuig. In de derde en laatste fase kan het volgende voertuig geheel automatisch en zonder chauffeur in peloton rijden.’

De opbrengsten bestaan in dat geval dus vooral uit arbeidstijd. De kosten bestaan vooral uit de installatie van de platooning systemen, de abonnementskosten, kosten voor additionele keuringen en extra trainingen voor bestuurders.

Besparing

‘Wat direct opvalt is dat het grootste deel van de opbrengsten van platooning wordt behaald door de besparing op arbeidskosten’, concludeert het rapport. ‘Toch wordt ook in het eerste stadium door brandstofbesparingen al een positief resultaat bereikt voor matching percentages hoger dan 70%.’ Voor de verdere stadia is het resultaat al positief voor kleine matching percentages.

‘Met de ontwikkelde modules is bewezen dat het mogelijk is voertuigen te matchen op basis van bestaande voertuigdata die nu al in de boordcomputers van de vrachtwagens worden gegenereerd. Waar de vervoerders de meeste potentie zien in on-the-fly platooning, laten de testresultaten zien dat op basis van het huidige aantal deelnemende vrachtwagens in de dataset meer matches gemaakt kunnen worden wanneer sprake is van scheduled platooning’, vinden de onderzoekers.

Meest kansrijk

Maar zodra het aantal deelnemers toeneemt, lijken de kansen van on-the-fly steeds groter te worden. ‘Voor de toekomst lijkt daarom een hybride oplossing het meest kansrijk. Hierbij worden met behulp van scheduled platooning al zoveel mogelijk pelotons gevormd. En de overgebleven vrachtwagens gaan met behulp van on-the-fly platooning op zoek naar een match.’

Nabijheid van voertuigen is echter niet de enige factor die van belang is voor het succes van een match. Ook kan er worden gekeken naar voertuigkenmerken (maximale snelheid, acceleratie, remvermogen), lading, schema van de bestuurder (rusttijd) en beoordeling van de bestuurder.

In het onderzoek werd slechts gekeken naar een peloton van twee trucks. ‘In de toekomst kan gekeken worden of een truck gedurende de rit gekoppeld kan worden met meerdere andere trucks. Vervolgvraag is of het zinvol is gedurende een rit aan ‘partnerruil’ te doen als twee truck pelotons elkaar kruisen.’

Matching onderzoek
Het matching onderzoek is uitgevoerd door TNO in samenwerking met onder meer De Rijke Trucking, Int. Transport Overbeek, De Jong-Grauss Transport, VDS Logistics, Erasmus Universiteit, Havenbedrijf Rotterdam en TLN. Cofinanciering werd geleverd door SmartPort en het Havenbedrijf Rotterdam. SmartPort heeft onlangs zijn rol als aanjager van truck platooning in de Rotterdamse haven overgedragen aan een consortium van bedrijven en overheden. Voor elke euro die SmartPort investeerde in onderzoek naar truck platooning in de periode 2016-2018, heeft de overheid 5,80 euro en het bedrijfsleven 4,80 euro geïnvesteerd. Gezamenlijk hebben al deze partijen zo’n 750.000 euro geïnvesteerd in het onderzoek naar de mogelijkheden van truck platooning.