Het parket wil alle trucks van een Roemeense dochteronderneming in beslag nemen. Dan gaat het om 240 van de in totaal 1500 Jost-vrachtwagens. Inmiddels is begonnen met de inbeslagname.

Tot verbazing van de transporteur, die erop wijst dat een inhoudelijke behandeling van de zaak nog helemaal niet heeft plaatsgevonden en Jost dus ook helemaal nog niet schuldig is bevonden. Het bedrijf houdt vast aan zijn onschuld en vindt dat het slachtoffer is van een heksenjacht.

De berichten die over de zaak naar buiten komen, zijn echter heftig. Bijna duizend mensen zouden slachtoffer zijn geworden van mensenhandel, chauffeurs moesten tot achttien uur per dag werken, er zou 45 miljoen euro te weinig loon zijn betaald en daarbovenop voor 20 miljoen aan sociale premies zijn ontdoken. Het zijn schrikbarende getallen.

Als de aantallen, bedragen en verhalen allemaal kloppen, is het harde optreden van het parket een zegen. Wie zijn werknemers slecht behandelt, te weinig betaalt en regels omzeilt, dupeert zijn medewerkers en concurrenten en verdient een stevige aanpak. Het aan de ketting leggen van een deel van de vloot is dan zeker op zijn plaats.

Het is echter wel een zeer harde maatregel. Het maakt de dagelijkse bedrijfsvoering lastiger en biedt management en personeel veel onzekerheid, om maar te zwijgen over imagoschade en klanten die mogelijk weglopen. Het federaal parket moet echt 100% overtuigd zijn van zijn zaak. Anders is een dergelijk paardenmiddel moeilijk te accepteren.