​​​Bovendien moet de opbrengst beschikbaar blijven voor besteding aan doelen die de partijen samen vaststellen. Een grote meerderheid van de Tweede Kamer steunt een motie die D66, ChristenUnie en CDA eerder hebben ingediend tijdens het debat over de invoering van de vrachtwagenheffing. Dat bleek dinsdag  tijdens een stemming over de ingediende moties.

Onderdeel van de kilometerheffing is dat een deel van de opbrengst terugvloeit naar de branche, de zogeheten terugsluis. Dit geld moet worden geïnvesteerd in verduurzaming en innovatie van de transportsector.

Fonds

TLN, Vern en Evofenedex willen dat het geld van de heffing in een fonds gestort wordt​: een ‘vergroenings- en innovatiefonds’ voor het goederenvervoer. Dit om zeker te weten dat de overheid het geld niet aan andere zaken uitgeeft dan aan vergroening en innovatie in het wegtransport.

Ook niet als het geld in een bepaald jaar niet opgemaakt wordt, bijvoorbeeld omdat nog niet genoeg elektrische vrachtwagens te koop zijn. Zo’n vorm van beheer moet nu dus van de Kamer door de minister worden onderzocht.

Tarieven

Een meerderheid van de Kamer vroeg de minister ook te onderzoeken of er voor emissieloos vrachtverkeer (vrachtwagens zonder uitstoot, zoals elektrische vrachtwagens) een lager tarief kan gelden dan voor reguliere vrachtwagens. Op die manier wil de Kamer emissieloos vrachtverkeer stimuleren.

Tijdens de stemming in de Tweede kamer besloten de Kamerleden tot slot dat de minister moet onderzoeken of de helft van de opbrengst van de vrachtwagenheffing besteed kan worden aan het verlagen van de motorrijtuigenbelasting en het afschaffen van he Eurovignet.

In 2017 kondigde het kabinet aan per 2023 een kilometerheffing voor vrachtwagens in te voeren. De drie belangenverenigingen gaan de komende maanden samen met het ministerie de agenda Verduurzaming & Innovatie Vrachtvervoer opstellen.