In de huidige plannen wordt de kilometerheffing ingevoerd op alle snelwegen en een deel van het onderliggende wegennet. Daarmee wil verantwoordelijk minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat) voorkomen dat sluipverkeer ontstaat.

Dat gaat de fracties van D66 en ChristenUnie niet ver genoeg. Zij willen dat de minister de heffing laat gelden op alle wegen, dus ook die in de bebouwde kom. Daarmee zou het beleid aansluiten bij dat in België. Wel geven beide fracties aan dat aanvankelijk op het onderliggende net een nultarief moet gelden. Dit kan dan na verloop van tijd worden aangepast.

Dinsdag kwamen er ook diverse andere moties voorbij. Zo wilden D66 en GroenLinks dat de vrachtwagenheffing op verschillende manier onderscheid maakt. Van Nieuwenhuizen maakt in haar huidige voorstellen alleen verschil tussen schonere en vuilere trucks. Beide partijen willen echter dat op meerdere manieren gedifferentieerd wordt, waarbij verkeersveiligheid, filedruk, luchtkwaliteit en bereikbaarheid moeten meespelen.

Andere voertuigen

Een ander voorstel kwam van GroenLinks en SGP. Zij zouden graag zien de kilometerheffing op termijn wordt uitgebreid naar andere voertuigen. Zonder nader te specificeren welk type auto’s ze bedoelen. Vermoedelijk kan deze laatste maatregel op steun rekenen uit de transportsector.

De branche zou graag zien dat niet alleen trucks, maar al het gemotoriseerde verkeer een kilometerheffing betaalt. Echter, dit voorstel haalt waarschijnlijk geen meerderheid in de Tweede Kamer. Volgende week stemt de Tweede Kamer over de diverse moties.

Tarief

Dat er een kilometerheffing komt, is al geruime tijd bekend. Volgens het huidige tijdschema moet invoering plaatsvinden in 2023. Het gemiddelde tarief ligt waarschijnlijk rond de vijftien cent per kilometer. Dit kost de sector jaarlijks naar verwachting 1,1 miljard euro.

Een deel daarvan moet terugvloeien naar de vrachtvervoerssector, middels een zogeheten terugsluis. Hoeveel geld uiteindelijk beschikbaar komt, is nog onduidelijk. Wel gaf de bewindsvrouw recentelijk een indicatie van tussen de 200 en 500 miljoen euro. Transporteursorganisaties Vern en TLN en verladersvereniging Evofenedex zouden graag zien dat deze terugsluis wordt gestort in een fonds.

Momenteel zijn nog weinig zero-emissie voertuigen beschikbaar. Vrachtwagens op waterstof zijn amper te koop en de stekkertrucks hebben meestal een beperkte actieradius. Daardoor zijn ze niet of nauwelijks geschikt voor lange-afstandsvervoer.

De drie belangenverenigingen vrezen daarom dat vervoerders in 2023 nog niet genoeg opties hebben om het geld te investeren. Om te voorkomen dat het ergens anders naar toe gaat, willen ze dat de miljoenen in een fonds worden gestort, zodat transporteurs later alsnog schone trucks kunnen kopen zodra deze wel beschikbaar zijn. Het plan kan op steun rekenen van de minister en van diverse Kamerfracties, waaronder coalitiepartijen D66 en CDA. Van Nieuwenhuizen heeft aangegeven de komende maanden de mogelijkheden te onderzoeken.

Lees ook: