Jost Group ligt al geruime tijd onder vuur. Het bedrijf zou zich op grote schaal schuldig hebben gemaakt aan sociale dumping. Oost-Europese chauffeurs gingen aan de slag in België, maar kregen betaald volgens normen uit het eigen land. Ook werden sociale premies ontdoken en moesten de chauffeurs extreem lange dagen maken en leven onder slechte omstandigheden.

Ontduiken

Eerder dit jaar probeerde het Parket om bijna 350 trucks aan de ketting te leggen. Daar werd echter een stokje voor gestoken door de rechtbank in Luik. Daartegen ging het Parket in verweer. Dit kort geding diende dinsdag.

Daar beweerde de aanklager dat Jost heeft gefraudeerd voor 65 miljoen euro, schrijft vakblad Flows. Aan chauffeurs werd 45 miljoen euro te weinig betaald. Tevens werd voor 20 miljoen aan sociale premies ontdoken. Daarbovenop zouden chauffeurs worden verplicht achttien uur per dag te werken.

Infiltrant

Tijdens de zitting werd ook duidelijk hoe het Parket te werk is gegaan. Ze hebben gebruik gemaakt van een infiltrant. Deze heeft zich in Slowakije gemeld als chauffeur en is voor Jost aan de slag gegaan. De infiltrant moest wekenlang in zijn truck leven en mocht slechts zesmaal douchen in vier weken, aldus het Belgische vakblad.

Als vergoeding kreeg hij ongeveer zeshonderd euro per maand. Ondanks de gerechtelijke procedure zou Jost zich nog steeds schuldig maken aan dergelijke praktijken, waarvan inmiddels 947 mensen slachtoffer zouden zijn geworden.

Heksenjacht

Jost heeft zich altijd tegen de beschuldigingen verzet. Het bedrijf vindt dat het slachtoffer is van een heksenjacht en vindt dat het principe van ‘onschuldig tot schuld is bewezen’ met voeten wordt getreden. Het bedrijf geeft aan volledige medewerking te willen verlenen. De rechtbank doet op 5 maart uitspraak in deze zaak.

Lees ook: