Een stemming die maandag plaatsvond in de commissie transport van het Europees parlement kan de fundamentele rechten en arbeidsomstandigheden van 3 miljoen vrachtwagenchauffeurs in Europa ernstig aantasten, menen de briefschrijvers.

‘Het komt erop neer dat transportbedrijven hun chauffeurs kunnen verplichten om gedurende drie opeenvolgende weken –met slechts één dag weekendrust– achter het stuur te zitten en hen pas dan toe te staan enkele dagen naar huis terug te keren’, zeggen de sociaal-democraten Kathleen Van Brempt en Hugues Bayet. ‘Ze mogen hun rusttijden, ook tijdens het weekend, in de cabine van de vrachtwagen doorbrengen. Dit maakt kwaliteitsvolle rust en elementaire hygiëne onmogelijk en is in tegenspraak met een recent arrest van het Europees Hof van Justitie.’

Beide parlementsleden gaan proberen de stemming in de plenaire vergadering uit te stellen, om over partij- en landsgrenzen heen een meerderheid te vinden om de tekst aan te passen. ‘Vorige week keurde het parlement het principe van gelijk loon voor gelijk werk op dezelfde plaats goed voor alle buiten hun eigen land gedetacheerde werknemers, met uitzondering van buschauffeurs en vrachtwagenbestuurders.’

Die uitzondering was gemotiveerd met het argument dat deze mensen in meerdere buitenlandse staten werken, zodat het moeilijk was om hen onder een bepaald nationaal loonstelsel onder te brengen. ‘Wij willen een aangepaste tekst, zodat ook zij van deze sociale bescherming kunnen genieten. Vrachtwagenchauffeurs mogen niet behandeld worden als Europese paria’s omwille van het uitzonderlijke karakter van hun beroep of omwille van nationale economische belangen.’