Ruim 10% van de gecontroleerde trucks is vorig jaar beboet. Dat blijkt uit cijfers van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT).


Opvallend is dat Nederlandse chauffeurs relatief vaker niet aan de wettelijke regels voldeden dan hun buitenlandse sectorgenoten.

In totaal werden vorig jaar 7.664 vrachtwagens gecontroleerd. Met driekwart van de geïnspecteerde voertuigen was niets mis. Nog eens 15% van de chauffeurs had de zaken weliswaar niet op orde, maar kwam weg met een waarschuwing. De overige 10,2% kreeg wel een straf opgelegd van de ILT-inspecteurs.

Iets minder dan een derde van alle gecontroleerde voertuigen beschikte over een Nederlands kenteken. Nummer twee was – niet verrassend – Polen, op afstand gevolgd door Roemenië. De top-5 werd vervolmaakt door vrachtwagens uit twee andere Oost-Europese landen, namelijk Litouwen en Bulgarije.

Hoewel buitenlandse chauffeurs niet bij iedereen een positief imago hebben, blijkt uit de controlecijfers niet dat zij zich vorig jaar minder goed aan de regels hebben gehouden dan Nederlandse bestuurders. Sterker nog, van de top-5 landen scoorde Nederland met afstand het slechtste.

In 33,9% van de gevallen overtraden de binnenlandse chauffeurs één of meerdere regels. In bijna de helft van de gevallen (16,5%) werd ook daadwerkelijk een straf uitgedeeld. Dat laatste percentage lag bij de vier eerdergenoemde Oost-Europese landen beduidend lager. Alle vier bleven ze beneden de 10%. Wel werden vaker waarschuwingen uitgedeeld aan Roemenen, Litouwers en Bulgaren. Van de top-5 deden de Polen het dus het beste, met minder straffen en minder waarschuwingen dan chauffeurs uit de andere vier landen. Ook Duitsland viel negatief uit de toon. Van de 273 gecontroleerde trucks werd 11,3% beboet.

Volgens de inspectiedienst zijn de cijfers over het voorbije jaar niet wezenlijk anders dan in de jaren daarvoor. Ook toen was de verhouding tussen Nederlandse en buitenlandse chauffeurs ongeveer hetzelfde en werden vooral regels van de rij- en rusttijdenwet overtreden. Daarnaast was bij relatief veel voertuigen met de tachograaf iets niet in orde.

De resultaten over dit jaar zullen wellicht een ander beeld laten zien dan de resultaten van afgelopen jaren. Toen mochten chauffeurs nog hun verplichte lange rustperiode van 45 uur volledig doorbrengen in de cabine van het voertuig. Hoewel het officieel verboden was, werd er niet op gehandhaafd. Maar daar is verandering in gekomen door een uitspraak van het Europees hof. Dat bepaalde eind vorig jaar dat het cabineslapen niet meer mocht, waarna het ministerie besloot om per 1 januari 2018 het gedogen te stoppen.

Na een overgangsperiode van één maand worden nu sinds 1 februari boetes uitgedeeld aan werkgevers die hun chauffeurs geen onderdak verschaffen. Dit treft vooral buitenlandse truckers, aangezien Nederlandse bestuurders in veel gevallen gewoon naar huis kunnen.

Chauffeurs uit andere landen krijgen daardoor wellicht vaker een boete, al moet deze worden opgehoest door de werkgever. Die heeft namelijk de verantwoordelijkheid voor het regelen van een goede slaapplek.