Vrachtwagenchauffeurs mogen hun normale wekelijkse rusttijd niet doorbrengen in de cabine. Dat heeft het Europees Hof woensdag bepaald.


Deze rusttijd moet worden doorgebracht in een ‘passende en geschikte accommodatie’. Alleen de verkorte rusttijd mag onder voorwaarden in de cabine worden doorgebracht. Tevens oordeelde het hof dat lidstaten verplicht zijn om straffen op te leggen aan bedrijven en chauffeurs die zich hier niet aan houden.

De uitspraak is een gevolg van juridisch geschil bij de zuiderburen. De Belgische transporteur Vaditrans kreeg boetes ter waarde van 1.800 euro opgelegd, omdat chauffeurs van het bedrijf de weekendrust in de cabine doorbrachten. Daar was het management het niet mee eens, waarna een juridische procedure werd gestart.

De Raad van State in België verzocht uiteindelijk aan het Europese Hof om zich uit te spreken over deze zaak. Die kwam woensdag tot het oordeel dat chauffeurs tijdens hun reguliere wekelijkse rusttijd niet eindeloos in hun voertuigen mogen verpozen.

Diverse Europese landen, zoals België en Frankrijk, besloten in het verleden al om te gaan handhaven op deze regels. In Nederland vindt momenteel geen handhaving plaats, hoewel de Tweede Kamer tweemaal een motie aannam om wel boetes uit te delen. Eén daarvan werd eerder deze maand unaniem aangenomen in het parlement.

Het kabinet wilde echter de uitspraak van het hof afwachten. Nu die met zijn oordeel is gekomen, lijkt handhaving een kwestie van tijd, tot vreugde van de vakbonden. Chauffeurs die de rusttijd in de cabine (moeten) doorbrengen, zijn hen een doorn in het oog. FNV zei woensdag dan ook ervan uit te gaan dat de minister nu snel een handhavingsinstructie uit laat gaan naar de inspectiedienst.