Het eerste kwartaal van dit jaar was voor de meeste wegvervoerders uitstekend, blijkt uit het jongste conjunctuurbericht van Transport en Logistiek Nederland (TLN). De binnenlandse bedrijvigheid viel wat terug, maar dat is normaal voor de eerste drie maanden van een kalenderjaar.

Daar stond de aantrekkende internationale bedrijvigheid tegenover. Het laatste gebeurde dat anderhalf jaar geleden. Ook voor het activiteitenniveau in het tweede kwartaal zijn de verwachtingen gunstig, vooral bij de grote bedrijven. Voor de laatste categorie kwam de ‘stemmingsindicator’ voor april. mei en juni op 8,5. Kleine bedrijven zijn het minst opgetogen, met een indicator van 6,0.

In het eerste kwartaal had, bij een vorige enquête, slechts 17% meer bedrijvigheid verwacht in vergelijking met het laatste trimester van vorig jaar. In de praktijk zag 35% de activiteiten verder toenemen. Ook het hele jaar belooft volgens veel ondernemers drukker te worden dan het vorige.

Het oordeel over de omzetontwikkeling bleef, met 7,2, ongeveer gelijk aan dat in het laatste kwartaal van 2016. Er was een daling in het binnenlands vervoer, maar juist een stijging in het internationale transport. De winstontwikkeling liet een kleine daling zien. Het oordeel over de rendementen daalde bij de gemiddelde ondernemer van 6,4 naar 6,1.

De achterblijvende marges zijn al jaren de belangrijkste klacht van veel wegvervoerders. ‘De tarieven staan nog steeds onder druk. Werk zat, maar het lukt niet om onze winstmarge iets te vergroten. En dat is eigenlijk gewoon nodig voor een gezonde bedrijfsvoering’, zegt een ondernemer tegenover TLN.

Wel zitten nu veel meer ondernemers in de zwarte cijfers dan een paar jaar geleden. In 2014 hield maar 50% van de bedrijven in de eerste drie maanden winst aan hun activiteiten over. Dat percentage zou in de volgende kwartalen en jaren geleidelijk oplopen en kwam in het eerste kwartaal van dit jaar uit op 71%. Nog maar 12% kijkt onder de streep tegen een rood getal aan.

Van alle bedrijven beoordeelt nu 64% de financiële positie als sterk tot zeer sterk. In 2015 bijvoorbeeld kwam dat percentage niet boven de 57 uit. Er zijn minder bedrijven (7,5%) die de eigen positie als zwak tot zeer zwak beschouwen.