Asielzoekers die de overtocht naar Engeland willen maken, storten op de toevoerwegen naar de veerboot afval om vrachtauto’s tot stoppen te brengen en zich vervolgens in die vrachtauto’s te verschuilen. Het zou gaan om ongeveer dertig ton vuil per dag.

Dat zeggen Transport en Logistiek Nederland (TLN), de Belgische organisaties Transport en Logistiek Vlaanderen (TLV) en Febetra, de Franse FNTR en de Britse Freight Transport Association. Ook Nederlandse ferryhavens zouden steeds meer met het vluchtelingenprobleem worden geconfronteerd.

De organisaties willen dat de controles met honden in de haven van Calais worden verscherpt. Verder moeten chauffeurs worden gevrijwaard van vervolging als ook na controles migranten in vrachtauto’s blijken te zitten. Nu kunnen ze een boete krijgen die kan oplopen tot tweeduizend euro per aangetroffen migrant.

Het migrantenvraagstuk is bezig zich te verplaatsen, constateren de organisaties. Eerst was vooral de terminal van EuroTunnel in Calais het voornaamste doelwit van asielzoekers, maar de beveiliging daar is flink opgeschroefd, met dubbel hekwerk en strenge controles op de treinterminal.

Transportbedrijven hebben samen met de Britse UK Border Force een protocol ontwikkeld om te voorkomen dat migranten als verstekeling in vrachtauto’s de oversteek maken. Dat alles is volgens de wegvervoerbranche succesvol geweest, maar nu duikt het probleem op bij de veerboten in Calais en in andere West-Europese veerhavens.

De organisaties kondigen aan, gezamenlijk een meldsysteem te ontwikkelen waarmee chauffeurs incidenten in havens simpel kunnen melden. Ze kunnen elkaar daarmee waarschuwen voor onveilige situaties en kunnen sneller en beter worden geholpen.

TLN stelt vast dat ook in Nederlandse ferryhavens het aantal problemen toeneemt. De organisatie pleit voor een gezamenlijke aanpak door douane, marechaussee en transportbedrijven. Die moeten sneller informatie uitwisselen.

Dat dit werkt, bewijst de vermindering van de transportcriminaliteit in Nederland in de laatste jaren. Transportbedrijven worden in een vroeg stadium gewaarschuwd voor het risico van lading- en truckdiefstal op bepaalde plaatsen.