Dat was de ervaring van transportmanager Piet Daniëls van het Eindhovense transportbedrijf Scherpenhuizen. Hij maakte onlangs zelf een overtocht van Calais naar Dover, met de trein door de Kanaaltunnel, om te ondervinden wat zijn chauffeurs dagelijks in Calais meemaken.

Zijn belevenissen vertelde hij aan de Omroep Brabant. Toen Daniëls ’s morgens in Calais arriveerde, bleek er, om half elf ’s morgens, een wachttijd van vier tot vijf uur voor de spoorterminal te zijn. De vrachtauto stond nauwelijks stil of van alle kanten doemden vluchtelingen op die de laadruimte wilden openbreken.

Volgens Daniëls werden er vele honderden illegalen uit vrachtauto’s gehaald door de politie. Die bracht hen over naar tentenkampen, drie kilometer verderop. ‘Die waren na een half uur weer terug’, vertelt Daniëls. Zijn eigen vrachtauto bleef overigens intact.

Het ergst vindt Daniëls de toestand in Calais voor bijvoorbeeld chauffeurs van wagens vol bloemen die voor zichzelf rijden. Het voertuig wordt opengebroken en de lading ‘gewoon vernield’. Veel lading verdwijnt volgens hem in de Franse ferryhaven in de sloot om meer ruimte voor migranten te scheppen.

Overigens zegt Daniëls wel begrip te hebben voor de vluchtelingen zelf.. Hij verwijt de Franse politie te weinig aan het probleem te doen, al komt dat mede doordat de politie er over te weinig mankracht beschikt.