De Noorse oliemaatschappij heeft een contract getekend met Viking Energy om gedurende de komende vijf jaar diens gelijknamige supplier ‘Viking Energy’ geschikt te maken voor ammoniak-voortstuwing. De praktijktests kunnen naar verwachting in 2024 beginnen. Het schip zal daarbij gewoon worden ingezet om offshore platformen te bevoorraden.

Het doel is om aan te tonen dat het schip een jaar lang 60 tot 70% van het benodigde vermogen uit ammoniak kan halen. De rest moet uit lng en accu’s komen. Voor het onderzoek is een budget van 23 miljoen euro beschikbaar, waarvan tien miljoen afkomstig is van de Europese Unie.

Hoogste energiedichtheid

Volgens het voormalige Statoil heeft ammoniak de hoogste energiedichtheid van alle mogelijke scheepsbrandstoffen. Verbranding van ammoniak (NH3) levert zuiver water en stikstofoxiden (NOx) als afvalstoffen op. De uitstoot van stikstofoxiden moet worden gereduceerd, bijvoorbeeld door een katalysator toe te passen.

Projectleider Henriette Undrum van Equinor kan niet wachten: ‘Er moet nog veel werk worden verzet, maar als we dit oplossen, heeft de scheepvaart voor het eerst een emissieloze brandstof. We hebben nog nooit eerder een koolstofvrije brandstof gehad, waarbij ons geen zorgen hoeven te maken over het bereik’, zegt ze.

Wärtsilä

Equinor maakt deel uit van het Europese innovatieproject ShipFC, een consortium van veertien Europese bedrijven en instellingen, dat wordt gecoördineerd door het Noorse kenniscentrum NCE Maritime Cleantech. Andere belangrijke partners daarin zijn Wärtsilä voor de energietechnologie en ammoniak-opslag en Prototech, dat het brandstofcelsysteem levert.

De ‘Viking Energy’ was in 2003 het eerste lng-aangedreven schip in de vloot van Equinor en in 2016 het eerste schip met hybride batterijvermogen. Volgens het olieconcern bestaat de hele vloot van negentien suppliers met langlopende contracten in de loop van het jaar uit schepen die beschikken over batterijvoeding en aansluiting voor walstroom.