ECL is aandeelhouder in de Lübecker Hafengesellschaft. De shuttle verstrekt voorlopig twee keer per week in beide richtingen. In Zajeci, in het noorden van het Tsjechische Moravië, is de eindterminal. In Travemünde wordt gebruik gemaakt van de Baltic Rail Gate.

De nieuwe dienst mikt ook op lading uit Zuid-Zweden met bestemming midden-Europa. Dit jaar denken ECL en DSV zevenduizend eenheden van de weg naar het spoor te halen. DSV wordt voorlopig de grootste klant van de shuttle. Met de shuttle spelen de bedrijven ook in op het tekort aan chauffeurs in het wegvervoer. Bovendien worden fors oplopende tolkosten in zowel Duitsland als Tsjechië vermeden.

DSV en ECL willen de frequentie van de dienst volgend jaar, bij voldoende ladingaanbod, verdubbelen. ECL voorziet ook verdere groei bij de Ruhr Shuttle tussen Duisburg en Lübeck, een dienst die nu een frequentie kent van elf vertrekken per week in beide richtingen.