Directeur Hans-Willem Vroon zegt ‘na drie jaar polderen en paaien’ het vertrouwen verloren te hebben dat er serieus werk gemaakt wordt van de doelen en maatregelen uit het regeerakkoord en de zogenoemde Maatregelenbrief Spoorgoederenvervoer van twee jaar geleden. Volgens hem is er een politieke interventie nodig om het roer om te gooien.

De spoorsector maakt zich volgens hem grote zorgen over de dreigende stijging van de gebruiksvergoeding op het spoor vanaf 2023. Als die wordt doorgezet, wordt de beoogde groei van het goederenvervoer van 54 tot 61 miljoen ton in 2030 niet gehaald en komt er weinig terecht van een modal shift richting spoor, betoogt hij.

Gammele infrastructuur

Volgens Railgood rekent ProRail twee keer zoveel kosten aan het goederenvervoer toe dan het Duitse DB Netze en wordt daarvoor ‘gammele en niet-concurrerende infrastructuur ter beschikking gesteld.

Volgens woordvoerder Coen van Kranenburg van ProRail ‘klopt dat gewoon niet’. ‘We hebben een benchmark gedaan. Daaruit blijkt dat we het op sommige punten zelfs beter doen dan de Duitsers’.

Prioriteit

Doorn in Vroons oog is voorts dat het reizigersvervoer prioriteit boven het goederenvervoer krijgt en dat die met ‘staatsdoping’ volledig gecompenseerd zou worden voor de impact van de coronacrisis.

Van Kranenburg stelt dat ProRail zich wel degelijk sterk maakt voor de belangen van de goederenvervoerders, maar die moet afwegen tegen die van andere belanghebbenden. Hij erkent dat er langdurig wordt gepolderd. ‘Maar dat gebeurt wel met Railgood. Die zet zelf ook van alles op de agenda.’