Vereinigte Tanklager und Transportmittel GmbH werd in 1951 in Hamburg door de Duitse staat opgericht. Daarin werden delen ondergebracht van de Wirtschaftliche Forschungsgesellschaft, afgekort WiFo. Die werd op zijn beurt in 1934 opgericht om de aanvoer van belangrijke grondstoffen veilig te stellen, in het bijzonder voor de Duitse Wehrmacht. In 1961 werd VTG verzelfstandigd via verkoop aan Preussag, de voorganger van het huidige TUI.

Twintig jaar later werden de eerste activiteiten in het vervoer van tankcontainers ontwikkeld. Daarin zou het Nederlandse Van Ommeren, voorloper van Vopak, later nog een belangrijke rol spelen via de oprichting van het gezamenlijke bedrijf VOTG Tanktainer. Daarmee wilden de twee bedrijven een toonaangevende rol verwerven in het vervoer van tankcontainers, maar dat liep anders. In 2007 stapte Van Ommeren eruit en verkocht het zijn aandeel aan VTG.

Wilbur Ross

Vanaf de jaren negentig reeg het hoofdkantoor in Hamburg voortvarend door aan zijn keten van spoorbedrijven, die uiteindelijk de grootste wagonverhuurder van Europa zou worden. Anno 2019 staat de teller op 94.000 wagons. Ter vergelijking: DB Cargo, de grootste spoorgoederenvervoerder van Europa, beschikt over zo’n 60.000 wagons.

In 1991 werd een eerste voorzichtige stap gezet met de acquisitie van de Hamburgse spoorexpediteur Transpetrol. Tien jaar later werd een enorme slag geslagen met de overname van de Europese activiteiten van het Australische Brambles, goed voor een expansie met maar liefst 23.000 wagons. Tussen 2004 en 2007 kwamen er nog eens 6.500 wagons bij via een reeks overnames van kleinere vloten van het Franse Algeco, het Oostenrijkse OMV, het Zwitserse Rexwal, het Duitse Railtrans en het Zweedse Bromma, Sweden.

Midden in dat proces werd VTG zelf overgenomen door ene Wilbur Ross, voormalig superinvesteerder en de huidige minister van Economische Zaken in het kabinet van Donald Trump. Ross bracht het bedrijf onder in de Luxemburgse Compagnie Européenne de Wagons, om het twee jaar later via een beursgang in Frankfurt weer van de hand te doen.

Morgan Stanley

Daarmee werd de basis gelegd voor een nieuwe periode van expansie. In 2015 volgde de kroon op het werk met de overname van Ahaus Alstätter Eisenbahn, goed voor een vloot van niet minder dan 30.000 wagons. Vorig jaar werd een nieuwe stap gezet met de acquisitie van de Europese spooractiviteiten van de Amerikaanse Nacco-groep, goed voor weer eens 10.000 wagons.

De gedurige expansie in combinatie met een stringent beleid om in de kosten te snijden, trok de aandacht van een andere bekende Amerikaanse investeerder, Morgan Stanley Infrastructure Partners (MSIP). Na in de eerste helft van het jaar een minderheidsbelang te hebben opgebouwd, bracht het fonds via het vehikel Warwick Holding GmbH medio 2018 een openbaar bod uit van 53 euro per aandeel. Dat waardeert VTG op iets meer dan anderhalf miljard euro.

Daarna werd het stil aan de Amerikaanse kant. Wie wel van zich liet horen was Heiko Fischer, ceo van VTG en de man achter de snelle expansie van de laatste jaren. Hij wees het bod van de hand omdat het volgens hem geen recht deed aan ‘de fundamentele waarde noch aan het volledige potentieel van het bedrijf’.

71% aandelen

MSIP liet pas op 18 december weer van zich horen, toen het meldde dat het bod werd gesloten en dat het fonds al 71% van de aandelen in handen had. Na weer twee maanden stilte kwamen de Amerikanen met de mededeling dat het bod van 53 euro per aandeel opnieuw wordt opengesteld en dat het de bedoeling is om het bedrijf van de beurs te halen. Bovendien was er in de tussentijd overeenstemming bereikt met de raden van commissarissen en van bestuur over de strategie voor de komende jaren.

De top van VTG bleek in de tussenliggende periode een aantal garanties te hebben gekregen van MSIP. De belangrijkste is de toezegging dat het bedrijf nog zeker tien jaar lang, tot juni 2029, in Hamburg gevestigd blijft. Verder zal Warwick in elk geval de komende drie jaar niet de voorzitter leveren, zal het VTG niet ‘domineren’ en niet met winsten of verliezen schuiven. De huidige juridische structuur blijft in elk geval nog twee jaar in stand.

Glanzende jaarcijfers

Als om zijn eerdere stellingname nog eens te onderstrepen, maakte topman Fischer vorige week glanzende cijfers over 2018 bekend. Het bruto resultaat (ebitda) steeg, inclusief eenmalige overnamekosten van ruim 25 miljoen euro, tot een nieuw record van 349 miljoen. Ook de omzet kwam met 1,07 miljard euro op het hoogste niveau ooit uit. En volgens Fisher zit er nog veel meer in het vat: voor dit jaar voorziet hij een groei tot tussen de 1,15 en 1,25 miljard. Misschien had hij dus toch gelijk en was die 53 euro inderdaad een koopje.

Lees ook: Morgan Stanley haalt spoorwagonreus VTG van de beurs