Eerder onderzoek toonde aan dat verschillende bottlenecks, zoals een gebrek aan uniformiteit, eenvoudigheid en flexibiliteit, de modal shift in de weg staan. Hoewel intussen algemeen aangenomen wordt dat spoor een sociaal beter alternatief is, vanwege onder meer de lagere milieubelasting en het inperken van congestieproblemen, blijkt dit nog onvoldoende om de verschuiving van weg naar spoor letterlijk en figuurlijk op de rails te zetten.

Randvoorwaarden

‘Naast deze sociale componenten pleiten ook andere aspecten in het voordeel van het goederenvervoer per spoor’, zegt Frank Troch van de Universiteit Antwerpen. ‘Zo worden per extra werkkracht in het spoorgoederenvervoer vier additionele werkposten binnen de nationale economie gecreëerd. Voor het goederenvervoer via de weg zijn dit slechts twee additionele jobcreaties.”

Voor de toekomst van het goederenvervoer per spoor is een aantal randvoorwaarden cruciaal, sommige onder controle van operatoren, andere onder controle van overheden, nog andere in handen van de markt. ‘Zo is het cruciaal dat er een goede en sterke marktregulator is, die goede marktobservatie doet en effectief marktmacht van grote operatoren kan beperken’, stelt Thierry Vanelslander, eveneens van de Antwerpse universiteit.

Samenwerken

‘Verder moet de overheid zich zo organiseren dat de verschillende overheidsniveaus en -diensten maximaal op elkaar inspelen en samenwerken.” De onderzoekers formuleren hiervoor 25 aanbevelingen voor de sector, de gebruikers van het goederenvervoer per spoor en de beleidsmakers.

Naast de modal shift is ook een mentaliteitswijziging noodzakelijk. Troch: ‘De eerste stappen hiervoor zijn al gezet. Waar het spoor een decennium geleden nog werd aangezien als een logge, verouderde en vastgeroeste sector, tonen de meest recente resultaten dat er een positieve kentering is. De opening van de markt in 2007 heeft ertoe geleid dat spooroperatoren langzaam maar zeker hun businessmodellen en strategieën vernieuwen, wat leidt tot een toenemende productiviteit en winstgevendheid.’

Onderzoek

De universitaire onderzoekers kregen de onderzoeksopdracht van Belspo, de Belgische federale instelling voor wetenschapsbeleid. Het onderzoek kreeg de naam Brain-Trans en was een interdisciplinair project, waarin verschillende partners binnen beide universiteiten samenwerkten. Ze onderzochten nieuwe strategieën voor de ontwikkeling van het goederenvervoer per spoor in een intermodale context.

Dat deden ze tegen de achtergrond dat Europa wil dat 30% van trafieken langer dan driehonderd kilometer verschuift van de weg naar het spoor of de binnenvaart. Deze verschuiving moet tegen 2030 gerealiseerd zijn. Toch blijft het wegvervoer vooralsnog de dominante modus voor goederenvervoer en de onderzoekers moesten bekijken hoe dat te veranderen is.