Vlaanderen en Noordrijn-Westfalen geven, allebei de voorkeur aan het 3RX-tracé voor de IJzeren Rijn. Dat bevestigen beide regionale ministers voor mobiliteit, Ben Weyts en Hendrik Wüst.

De twee minister hebben donderdagochtend samen vergaderd in het Antwerpse havenhuis. Ze kondigen een samenwerkingsovereenkomst aan en nemen ook het initiatief om een drielandenoverleg op te starten, waarbij ze naast Nederland ook de Belgische en de Duitse federale regeringen willen betrekken. Ze gaan ook bij de Europese Commissie voor steun aankloppen, met als motivatie dat de spoorweg veel vrachtwagens van de weg kan halen, vooral van de E17, de E19, de E313 en de E314.

‘Op technisch en administratief niveau is er na veel studiewerk een consensusvoorstel uit de bus gekomen’, zegt Ben Weyts. ‘Het is nu tijd om het dossier over de spoorverbinding tussen Antwerpen, en het Ruhrgebied op politiek niveau te tillen’, zegt Vlaams minister van mobiliteit Ben Weyts.

Het 3RX-tracé (Rhein-Ruhr-Rail Connection) loopt van Antwerpen via Mol en Hamont naar Roermond en Venlo en zet zijn weg verder aan de Duitse zijde van de grens tot in Viersen. Een internationaal onderzoek bevestigde dat dit tracé kosten-batenresultaten oplevert, vergelijkbaar zijn met het historische (1843) tracé van de IJzeren Rijn, maar dan tegen circa de helft van de kostprijs daarvan.

Hoewel vooral Vlaanderen aandringt op de heractivering van de IJzeren Rijn, bestaat er ook hier geen volledige consensus. Meer bepaald het tracé tussen Antwerpen en Lier ligt gevoelig. Het is de bedoeling om de spoorcapaciteit van dit deel van het traject op te drijven. Een mogelijke optie is de aanleg van een extra spoor naast het bestaande, maar dit scenario vergt onteigeningen in de stad Lier. Nog gevoeliger ligt het scenario om vanuit het noorden van de haven dwars door de Voorkempen een nieuw spoor aan te leggen, dat pas voorbij Lier aansluit bij de bestaande spoorlijn.