Een tekort aan overslagcapaciteit op de Delta Terminal van ECT verhindert dat een spooroperator een nieuwe dienst kan opzetten tussen de Maasvlakte en Venlo.


Dat stelt logistiek ondernemer Thom Derks, die namens spooroperator Trimodal zes maal per week een containertrein wil laten rijden tussen de Maasvlakte en de Cabooter Terminal in Venlo. Derks zegt daarvoor benaderd te zijn door een groep logistieke dienstverleners, die samen goed zijn voor 800 eenheden per week.

Volgens hem heeft ECT in een reactie op zijn verzoek om zes treinen per week te lossen en te laden laten weten daartoe geen mogelijkheden te hebben. Het gevolg is dat de lading over de weg vervoerd moet worden. Derks noemt dat ‘funest voor zowel de Rotterdamse haven als gateway to Europe als het goederenvervoer per spoor via Nederland’.

Volgens hem gaat het om lading van klanten van European Gateway Services (EGS), een werkmaatschappij van ECT die zich met achterlandvervoer bezighoudt. Toch zegt hij niet de indruk te hebben dat ECT de eigen achterlandorganisatie wil beschermen door andere spelers buiten de deur te houden. ‘Ik denk dat het puur een kwestie van capaciteit is. Opvallend is wel dat ECT veel tijd nodig heeft om een trein te behandelen. Waar dat op de Delta Terminal acht tot tien uur duurt, heeft Cabooter vier uur voor dezelfde trein nodig’, stelt Derks.

Hij koppelt daaraan de conclusie dat na de binnenvaart en het wegvervoer, die regelmatig met lange wachttijden kampen, nu ook het spoor slachtoffer wordt van een gebrek aan capaciteit en betrouwbaarheid bij de deep sea terminals. Derks is met betrokken partijen en Havenbedrijf Rotterdam is gesprek om te bekijken of er toch een werkbare oplossing gevonden kan worden.

ECT was vanmorgen niet voor reactie bereikbaar.