De kosten van het gebruik van spoor mogen niet hoger worden door de structuurwijziging van ProRail. Dat zei staatssecretaris Stientje van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat deze week.


Zij deed deze uitspraak naar aanleiding van zorgen die hierover eerder op de dag waren geuit tijdens een hoorzitting in de Tweede Kamer. Meerdere deskundigen gaven aan ongerust te zijn over hogere kosten als ProRail bij het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat wordt ondergebracht, onder meer op het gebied van fiscale voordelen.

ProRail mag nu nog btw aftrekken. Als de spoorbeheerder eenmaal onder het Rijk valt, kan dit niet meer. Als het Rijk besluit dit te compenseren, dan wordt het mogelijk teruggefloten door Brussel omdat dit als ongeoorloofde staatssteun wordt gezien.

Van Veldhoven gaf aan het als ‘belangrijke voorwaarde’ te zien dat verladers, vervoerders en reiziger niet de prijs betalen voor de verandering. Volgens de staatssecretaris is het ministerie samen met ProRail aan het kijken hoe de fiscale gevolgen niet bij spoorgebruikers terechtkomen. ProRail-directeur Pier Eringa gaf eerder op de dag aan dat de btw-kwestie een ‘hele lange studie’ is die ‘niet heel makkelijk is’.

Van Veldhoven gaf aan dat de omvorming van ProRail tot een publieke organisatie binnen deze regeerperiode moet worden afgerond. De spoorbeheerder ontvangt jaarlijks ruim twee miljard euro subsidie. SP en PVV in de Tweede Kamer zijn tegenstander van de structuurwijziging van ProRail. Ook de spoorsector is faliekant tegen.