Het Duitse openbaar ministerie ziet af van strafvervolging van Deutsche Bahn en aannemers wegens de langdurige versperring van de spoorbaan bij Rastatt tussen 12 augustus en 2 oktober vorig jaar.


Dat heeft het OM in Baden-Baden, waar Rastatt onder valt, besloten. Er zijn geen aanwijzingen dat spoorbeheerder Deutsche Bahn of de aannemers die bij de aanleg van een tunnel onder het bestaande spoor bij Rastatt betrokken waren, zich schuldig zouden hebben gemaakt aan een ‘gevaarlijke inbreuk’ op de veiligheid van het spoorvervoer.

Ook ziet Justitie in Baden-Württemberg onvoldoende aanwijzingen voor ‘nalatigheid’ bij de tunnelbouw. Er zijn verscheidene klachten onderzocht, die echter een strafzaak tegen de tunnelbouwers en bouwheer DB onvoldoende ondersteunen.

‘Er zijn geen aanknopingspunten voor een concreet in gevaar brengen van personen of van goederen met een beduidende waarde’, luidt het oordeel. Een strafrechtelijk onderzoek vergt dat sprake is van letsel aan personen en directe schade aan over het spoor vervoerde goederen.

Daarvan is in dit geval dus geen sprake, aldus het Badense openbaar ministerie. Civielrechtelijk is het incident bij Rastatt nog lang niet afgerond. Deutsche Bahn Netz AG en de bij de mislukte tunnelaanleg hebben een claim wegens de mislukking voorgelegd aan een arbiter.

De uitslag van die procedure zal met smart worden afgewacht door veel operators op het Europese spoor die grote schade hebben geleden omdat hun hun treinen het baanvak in Baden-Württemberg niet meer konden gebruiken en soms van enorme omleidingsroutes gebruik moesten maken.