Fraaie plaatjes van verlaten vrachtschepen die in de Noorse fjorden liggen te rusten. Een beetje econoom durft er niet naar te kijken. Twaalf jaar nadat dit soort kiekjes konden worden geschoten vanwege de kredietcrisis, zijn er weer schepen in de fjorden ‘in de mottenballen’ gegaan.

Het Noorse scheepvaartbedrijf Wallenius Wilhelmsen liet op foto’s zien hoe zijn autoschip ‘Porgy’ samen met de ‘Asian Emperor’, een vaartuig van de Koreaanse dochter Eukor, gezusterlijk te midden van de Noorse natuur lag. Ook in Maleisië gingen schepen van de onderneming in een ‘cold lay up’. Wallenius Wilhelmsen koos locaties waar de autoschepen goed beschermd zijn tegen de weerselementen en waar de vaartuigen volgens het bedrijf in pole position liggen om meteen weer aan de slag te kunnen als de markt aantrekt. De Europa-Azië-route (vice versa) zal volgens de Noren het eerst opbloeien.

Autoverkopen

In hoeverre de autoverkopen, en daarmee de klandizie voor de car carriers, zich inderdaad weer gaan herstellen, staat nog te bezien in deze ‘ergste crisis die de autobranche ooit heeft getroffen’. Want zo werd de coronacatastrofe genoemd door Eric-Mark Huitema, directeur-generaal van de European Automobile Manufacturers’ Association. Afgelopen week kon diezelfde organisatie de beroerde cijfers laten spreken. De Europese autoverkopen blijken in mei met 52,3% te zijn gedaald in vergelijking met een jaar geleden. Een ietsje minder grote zeperd dan in april, toen de daling 76,3% was, maar die wetenschap kon de smart nauwelijks verzachten. Het wachten is op een werkelijk significante opleving van het consumentenvertrouwen.

Tot overmaat van tegenspoed vloog een autoschip dat nog wel gewoon aan het werk was, de ‘Höegh Xiamen’, een vaartuig van de Noorse rederij Höegh Autoliners, deze maand in brand in Florida. Om redenen die de branche ook niet helemaal kon verklaren, liepen de autoverkopen in ‘The Sunshine State’ deze lente nog aardig door, maar dat was geen troost voor de eigenaren van de duizenden tweedehands auto’s op de ‘Höegh Xiamen’. De wagens waren in de haven van Jacksonville allemaal net het dek opgereden toen de brand uitbrak. Het duurde ruim een week voor het sein ‘brand meester’ over de kade schalde.

Höegh Autoliners monterde zich wel op door een contract af te sluiten met SAIC Motor, een Chinese producent van elektrische auto’s. De ‘Höegh Asia’ heeft vanuit de haven van Shanghai koers gezet naar Europa met een eerste partij van 328 auto’s voor de Noorse markt, maakte de rederij dit weekeinde bekend. SAIC Motor heeft de ambitie om ook in de rest van Europa een voet tussen de deur te krijgen.

Vergroenen

Ro-/ro-rederijen vervoeren niet alleen milieuvriendelijkere auto’s, maar proberen ook hun eigen scheepsvloten te vergroenen.  Zo is de ‘Siem Confucius’ momenteel met 4800 nieuwe Volkswagen-auto’s aan boord op weg van Europa naar Amerika. Een schip op lng. Het is voor het eerst dat een grote car carrier vol auto’s deze relatief schone brandstof gebruikt op een diepzeeroute.

De ‘Siem Confucius’ van de Noorse rederij Siem Car Carriers werd gebouwd in Xiamen (China) en kwam begin deze maand aan in de Duitse haven Emden, op een steenworp afstand van Groningen. Meer dan honderd chauffeurs moesten eraan te pas komen om de 4800 auto’s de dertien autodekken van het schip op te rijden.

Vorige week dinsdag voer het lng-schip de Duitse haven uit, op weg naar eindbestemming Mexico, met geplande tussenstops in havens in Canada en de Verenigde Staten. De complete heentocht duurt drie weken.

Elke auto aan boord van het Siem-schip is vastgemaakt met de modernste car lashing belts om schade tijdens de oceaanovertocht, die behoorlijk turbulent kan zijn, te voorkomen. Het schip heeft 3600 kubieke meter vloeibaar gas aan boord, voldoende om naar Mexico én weer terug naar Duitsland te varen.

Later dit jaar zal ook het zusterschip ‘Siem Aristotle’ in gebruik worden genomen. De twee lng-schepen vervangen twee conventionele car carriers op de Atlantische Oceaan en zullen exclusief voor Volkswagen blijven varen.

K Line heeft eveneens lng-tanks laten installeren op een car carrier die momenteel in aanbouw is. Het schip wordt naar verwachting in de vaart genomen in het huidige Japanse fiscale jaar, dat loopt tot 31 maart 2021, en kan straks meer dan zevenduizend auto’s vervoeren.

Biobrandstof

United European Car Carriers (UECC) gooit het over weer een andere boeg en houdt samen met de BMW Groep en milieuorganisatie GoodShipping Program een biobrandstofpilot. Het UECC-schip ‘Autosky’ kreeg eerder dit voorjaar in de Rotterdamse haven al zijn eerste slok biobrandstof, gebaseerd op huis-tuin-en-keuken bakolie, en test nu op de route Zeebrugge-Santander in de praktijk of je probleemloos op het spul kunt varen.

Als het goed is, zullen de car carriers de komende jaren niet alleen met groenere brandstoffen varen, maar ook met een schoner geweten. Wallenius Wilhelmsen heeft voor het Federale Hof in Australië toegegeven schuldig te zijn aan kartelvorming in het maritieme autotransport, een zaak waarin eerder de Japanse scheepvaartbedrijven NYK en K Line tot miljoenenboetes werden veroordeeld.

De Australische kartelwaakhond ACCC had het Noorse scheepvaartbedrijf vorig jaar officieel in staat van beschuldiging gesteld vanwege illegale prijsafspraken voor het overzeese vervoer van auto’s in de periode juni 2011-juli 2012. Autoproducenten moesten de rederijen daardoor waarschijnlijk te hoge tarieven betalen.

NYK deed in dezelfde zaak drie jaar geleden al een bekentenis en kreeg 25 miljoen Australische dollar boete, K Line volgde een jaar later en moest 34,5 miljoen Australische dollar boete betalen. De boete had maximaal 100 miljoen kunnen zijn, maar de ACCC was enigszins genadig voor de Japanse rederijen omdat ze relatief snel schuld hadden bekend.

Welke boete Wallenius Wilhelmsen moet gaan betalen, krijgt het Noorse bedrijf later van de Australiërs te horen. De ACCC toont zich in elk geval verheugd dat Wallenius Wilhelmsen ‘zijn rol in dit criminele kartel heeft toegegeven’ en stelt dat afronding van deze langlopende kartelzaak hiermee dichterbij is gekomen. Ook het bedrijf stelt blij te zijn straks een punt te kunnen zetten achter de zaak en zegt zich te verplichten tot ‘eerlijke en open concurrentie’.