In een summiere mededeling op zijn site zegt het bedrijf vanwege de coronacrisis op de pauzeknop te hebben gedrukt en zich met zijn partners op vervolgstappen te zullen beraden. De belangrijkste daarvan zijn apparatuur-leverancier en -installateur Kongsberg en scheepsbouwer Vard, beide Noors.

Transport kunstmest

Ze wilden de ‘Yara Birkeland’ van 120 teu in de loop van dit jaar in de vaart brengen voor het transport van kunstmest van een Yara-fabriek in het Noorse Porsgrunn naar de havens van Brevik en Larvik, een traject van ongeveer zestig kilometer. Het elektrisch aangedreven schip zou zo’n 40.000 vrachtwagenritten per jaar moeten vervangen.

De romp van het schip is in februari in Roemenië te water gegaan en wordt een dezer dagen bij de Noorse werf in Brevik verwacht. Het schip wordt daar wel voorzien onder meer navigatie-apparatuur en zal na een testprogramma worden opgeleverd. Wat er nu precies wordt stilgelegd, zegt Yara niet, maar het lijkt erop dat het schip niet autonoom zal gaan varen, maar gewoon met een traditionele bemanning.

Onbemande modus

Volgens de oorspronkelijke planning zou de ‘Birkeland’ dit jaar als bemand schip in de vaart komen en gedurende een leerperiode van twee jaar geleidelijk overschakelen op de onbemande modus. Of er financiële, operationele of technische redenen aan Yara’s besluit ten grondslag liggen, is onduidelijk.

De Noorse overheid neemt ongeveer de helft van de kosten van het ‘Birkeland-project van naar schatting 25 miljoen euro voor zijn rekening. Het besluit lijkt daarmee een streep door de rekening van de Noorse regering, die zich expliciet ten doel heeft gesteld als eerste land ter wereld autonoom varende schepen in de vaart te brengen.