De ILT onderzocht 69 zeeschepen in de Rotterdamse haven. Bij 67% daarvan werden regels en wetten rond het laden en vastzetten van containers overtreden. Het gaat bijvoorbeeld om het niet vastzetten van laadruimluiken, het gebruik van beschadigd sjormateriaal en het niet of niet goed vastzetten van containers.

Aanleiding voor de grootscheepse controle is de ramp met de ‘MSC Zoe’. Het grote containerschip verloor begin vorig jaar boven de Waddeneilanden 342 containers in de Noordzee, met enorme milieuschade tot gevolg.

Welke schepen?

De uitkomsten van de inspecties geven, ondanks de 10% daling van het aantal overtredingen ten opzichte van 2009, reden om het rapport breed onder de aandacht van rederijen te brengen, zo meldt de KVNR. Tegelijkertijd roepen onderdelen van het rapport vragen op.

Zo is het het volgens de belangenorganisatie niet duidelijk welke schepen zijn geïnspecteerd. De vereniging betwijfelt of het gaat om schepen die door haar leden worden geëxploiteerd. ‘De KVNR krijgt de indruk dat het vooral lijkt te gaan om de grotere containerschepen. Deze voeren veelal een andere vlag dan de Nederlandse vlag.’

Ook hamert de redersvereniging erop dat bij het laden van containers aan boord van het schip, de rederij en de bemanning van het schip veelal moeten vertrouwen op de aangeleverde ladingpapieren en op de door de verladers opgegeven geverifieerde gewichten van de containers.

Daarnaast moeten de containers worden vastgezet op het schip volgens het Cargo Securing Manual (CSM) van het schip. Dit is een scheepsspecifiek handboek voor het vastzetten van containers aan boord, dat door de vlaggenstaat of door het klassenbureau namens de vlaggenstaat is goedgekeurd en waar wettelijke eisen aan zijn gesteld.

Naleving CSM moet beter

‘Maar anders dan een eerder onderzoek in 2009 heeft de ILT nu niet onderzocht of de door verladers opgegeven geverifieerde gewichten daadwerkelijk overeenkomen met de werkelijkheid’, luidt de kritiek van de KVNR. ‘Ook is niet gekeken naar de manier waarop de lading door de verladers in de containers wordt (vast)gezet. Het rapport beperkt zich tot het sjorren van de containers aan boord. De ILT constateert dat met name de naleving van de CSM beter moet.’

Ondanks de kritiek wil de redersvereniging met haar leden in gesprek over het ILT-rapport, in het bijzonder over het niet werken volgens het CSM. ‘Dit aandachtspunt brengen we ook bij internationale redersverenigingen onder de aandacht’, aldus de redersvereniging.

Suggestief beeld

Tot slot benadrukt de KVNR dat, anders dan het rapport aangeeft, de controle op en het beter vastzetten van de sjorringen tijdens de vaart wel mogelijk is. ‘Sommige rederijen hebben hier duidelijke maatschappij-instructies voor, die opgevolgd moeten worden. Het is betreurenswaardig dat ILT, als overheidsinstantie, op dit punt een suggestief en subjectief beeld heeft geschetst op basis van de observaties die hebben plaatsgevonden in een haven.’