‘Het is voor het klimaat op aarde zeer noodzakelijk dat er nu groots wordt ingegrepen, de scheepvaart heeft op dat gebied een grote verantwoordelijkheid te nemen. Maar de mensen die er in de dagelijkse praktijk voor moeten gaan zorgen dat bijvoorbeeld het reinigen van brandstof met scrubbers goed wordt uitgevoerd, zitten niet in de directiekantoren, maar werken aan boord van de schepen.’

Extra werk

Van den Broek ziet daarmee extra werk afkomen op de zeevarenden en vermoedt dat rederijen daarvoor geen extra personeel zullen rekruteren. ‘Zo ging het met de implementatie van ISPS (beveiligingseisen voor de scheepvaart, red.) in elk geval ook. Daar zijn nooit extra mensen voor aan boord gekomen. Alsof zeevarenden supermensen zijn die alles aankunnen. En dat is niet zo.’

Administratief werk is de grootste belemmering die zeevarenden heden ten dage aan boord ervaren. Dat bleek vorig jaar uit een onderzoek naar de ‘duurzame inzetbaarheid’ van werknemers in de maritieme sector, waarvan de resultaten werden opgetekend in het rapport ‘Zeewater door de aderen’.

Van den Broek: ‘Die titel zei het al: mensen die op schepen werken, hebben voor dit werk gekozen uit liefde voor het varen. Maar de werkelijkheid is dat varen steeds minder echt varen is. Op de uitkijk staan op de brug gebeurt nu nog maar met een half oog. De mensen aan boord zijn druk in de weer met papier, ze worden gek van alle documenten die moeten worden ingevuld. Met alle risico’s van dien voor de veiligheid en het milieu.’

Gratis internet

Uit verschillende onderzoeken bleek de afgelopen tijd dat de mentale en fysieke gezondheid van bemanningsleden te wensen overlaat. Centro Internazionale Radio Medico concludeerde na onderzoek op Italiaanse schepen dat 40% van de bemanningsleden aan overgewicht lijdt en 10% aan obesitas. Onafhankelijk van hun nationaliteit, etniciteit en hun rang aan boord vertoonden de bemanningsleden meer gewichtsproblemen dan de gemiddelde mens.

Ook depressies komen aan boord van schepen vaker voor dan op het droge, bleek vorig jaar uit een studie van de Amerikaanse universiteit Yale en de Sailors’ Society. Meer dan een kwart van de zeevarenden lijdt aan depressiviteit, terwijl van de algemene bevolking 4% depressiviteitsklachten heeft. Onevenredig veel bemanningsleden lopen volgens de onderzoekers rond met zelfmoordgedachten. Zeevarenden delen hun problemen moeilijk met anderen: slechts 21% bespreekt de sombere gedachten met collega’s aan boord.

Oververmoeidheid door een te hoge werkbelasting stond in het Yale-onderzoek pas op de vierde plaats van zeevarendenzorgen. Op drie stond de kwaliteit en kwantiteit van het voedsel aan boord, op twee de werktijden en duur van het walverlof. Op nummer een stond het geïsoleerd zijn, het afgescheiden zijn van familie en vrienden.

Internet lijkt voor zeevarenden een uitkomst, maar in de praktijk hebben juist bemanningsleden moeite om toegang te krijgen tot het wereldwijde web, vertelde Mark Dickinson, secretaris-generaal van Nautilus International, op het symposium in Rotterdam. ‘Bij een onderzoek onder tweeduizend bemanningsleden gaf 88% aan dat de internetmogelijkheden beperkt zijn én erg duur. Mensen geven hun carrière op zee zelfs op vanwege de gebrekkige internetmogelijkheden. Zó belangrijk is internet geworden. Het is dus de hoogste tijd voor gratis internet aan boord.’

Rederijen zijn volgens Dickinson onterecht bezorgd geweest dat websurfende bemanningsleden de veiligheid in gevaar kunnen brengen. ‘Onderzoek onder scheepseigenaren, goed voor twaalfduizend schepen, had onlangs als conclusie dat de voordelen van internet groter zijn dan de veiligheidsrisico’s. Het moreel en de geestelijke gezondheid gaat er alleen maar op vooruit. Ik ben blij dat het vanuit de rederijen zelf nu gezien wordt en dat bepaalde mythes worden doorgeprikt.’

Daden

Het is wat de vakbondsmannen betreft de hoogste tijd om de bevindingen uit de verschillende onderzoeken om te zetten in daden. Van den Broek: ‘De onderzoeken verdwijnen na hun publicatie al snel in de la. Ik zou tegen de reders willen zeggen: maak er eens gebruik van.’ Dickinson: ‘Er moet nog heel veel veranderen. Als een bedrijf ronduit een slechte werkgever is, kan dat nooit worden gecompenseerd met een enkele welzijnstraining. De gezondheid van bemanningsleden zou net zo’n prioriteit moeten zijn als de veiligheid van het vaartuig.’

Er zijn rederijen die wel vooruitgang boeken en die bijvoorbeeld de systemen aan boord koppelen met die van kantoren aan de wal, aldus Van den Broek. ‘Daardoor krijgen zeevarenden minder rompslomp. Het is voor een reder een flinke investering, maar eentje die zich zal terugverdienen.’

Dickinson stelde dat hij op congressen nooit de ‘slechte’ werkgevers tegenkomt. Met ‘goede’ bedrijven probeert Nautilus zogenoemde generatiepacten te sluiten, cao’s die zorgen voor een betere combi tussen ervaren krachten en jongere mensen met verstand van ICT. De vakbond ziet P&O Ferries als een bedrijf waar zaken ten goede zijn gekeerd.

Enorm geschrokken

Manager Leonieke Verbove (personeelszaken) was bij haar aantreden bij P&O Ferries ‘enorm geschrokken’ van de situatie die ze bij de ferrymaatschappij had aangetroffen, zei ze op het symposium. Meerdere werknemers vroegen haar bij een eerste kennismakingsgesprek meteen om een afvloeiingsregeling. Functieomschrijvingen van de mensen dateerden nog uit de tijd waarin ze ooit in dienst traden. Met een offensief van (gesubsidieerde) vragenlijsten, modellen en zelfs een sessie pimpampetten ging P&O Ferries de problemen te lijf.

Verbove: ‘Het bedrijf was er zelf schuldig aan dat de mensen verouderde competenties hadden en daardoor waarschijnlijk weinig kans hadden op de arbeidsmarkt. Daarom kozen we niet voor reorganisatie, maar wilden we aan de slag met de mensen die er waren.’

Het proces bij P&O Ferries is nog in volle gang, maar het ziekteverzuim is alvast naar beneden gegaan, evenals de gemiddelde leeftijd van het personeelsbestand. Die was 53 jaar toen Verbove bij het bedrijf binnenstapte, en is nu 48 jaar.

Verbove’s rechterhand Jeroen Stal, HR-officer bij P&O Ferries, stelde dat werknemers die altijd in een comfortzone hebben gezeten de overstap moeten maken naar de ‘zinzone’. Met andere woorden: de mensen moeten met plezier naar hun werk gaan, en zullen daardoor ook productiever worden. Wat de nieuwe aanpak voor P&O Ferries financieel oplevert, moet volgens Verbove en Stal op de langere termijn duidelijk gaan worden.

Gefrituurd ei

Het welzijn van de P&O-werknemers wordt nu onder meer opgeschroefd door een masseur die regelmatig op het bedrijf langskomt, een tafel als ‘hangplek’ voor werknemers die containers aan het lossen zijn en een nieuwe indeling van de kantine.

Goed eten is ook aan boord van schepen een grote wens, maakte een kapitein duidelijk die op het symposium het woord nam. ‘Ik heb fantastisch werk, maar zeevarenden slapen, bewegen en eten slecht. Als ik voor het ontbijt in de kombuis om een eitje vraag, gooit een matig opgeleide kok die in de frituurpan. De voedselprijzen stijgen, maar het voedselbudget aan boord is al jaren ongewijzigd. Aan reders de taak om ons beter te laten eten en ons te stimuleren om te sporten.’