De lening voor de Amsterdamse rederij komt uit een kredietfaciliteit van 300 miljoen euro, die ING en de EIB vorig jaar hebben geïntroduceerd om investeringen te ondersteunen die zijn gericht op ‘vergroening’ van de Europese scheepvaartsector.

Daarmee kunnen investeringen tegen een veel lagere rente worden gefinancierd dan met gewone leningen, omdat de EIB-rente de laagste in de markt is. Hoeveel Spliethoff betaalt, wordt niet bekendgemaakt.

Programma

De EIB-lening wordt ondersteund door het Europees Fonds voor Strategische Investeringen (EFSI), de belangrijkste pijler van het investeringsplan voor Europa, en de Connecting Europe Facility (CEF), aldus de EIB. Vice-president Vazil Hudak noemt de overeenkomst een goed voorbeeld van Europees teamwerk: ‘De steun van de Europese Commissie zorgt ervoor dat de zeevaart gemakkelijker te financieren is voor de bank’.

Spliethoff heeft al in 2012 een programma in gang gezet om zijn complete vloot uit te rusten met scrubbers, oftewel rookgasreinigers. De rederij bereidt zich daarmee voor op de zwavelrichtlijn van de IMO, die met ingang van volgend jaar het gebruik van stookolie met meer dan 0,5% zwavel verbiedt. Met een rookgasreiniger kan een schip in principe op hoogzwavelige brandstof blijven varen en toch aan de zwavel ‘cap’ voldoen.

42 schepen

De EIB-lening heeft betrekking op 42 schepen die van exhaust gas cleaning systems (scrubbers) en ballastwater-managementsystemen worden voorzien. Die laatste systemen zijn verplicht op grond van het Ballastwaterverdrag van de IMO, dat overigens pas op 7 september 2024 van kracht wordt. Vanaf die datum zijn zeeschepen wereldwijd verplicht om ballastwater voor het lozen te zuiveren om te voorkomen dat uitheemse flora en fauna zich langs die weg verspreiden.

Op 17 van de 42 schepen worden beide installaties ingebouwd. Vijf schepen krijgen alleen een scrubber en twintig alleen een ballastwater-systeem. Cfo Michel Fransen van Spliethoff noemt scrubbers ‘een zeer milieuvriendelijke oplossing’ om te voldoen aan de 2020-voorschriften. ‘De investering in gaswassers beschermt ook het belang van onze aandeelhouders tegen onzekerheden over de beschikbaarheid en prijsstelling van brandstof’, zegt hij.