Een deel van het prijskaartje zal in de eerste maanden van dit jaar al bekend worden. Hoewel de nieuwe zwavelrichtlijn per 2020 ingaat, voeren de meeste grote containerrederijen per 2019 alvast een bunkertoeslag in die straks de extra kosten moet opvangen. Zo’n proefjaar is nodig om klanten aan het nieuwe systeem te laten wennen, beargumenteren zij.

Verladers beklagen zich over de onduidelijkheid van die nieuwe toeslagen. Volgens de rederijen zijn die ‘eerlijk’ en ‘transparant’, maar Nestlé-vrachtbaas Jochen Gutschmidt vindt ze vooral niet te doorgronden.

‘De voorstellen van de rederijen zijn echt niet transparant. De definitieve prijs is (naast de brandstofprijs, red.) ook afhankelijk van snelheid, scheepstype en verblijf in een haven. We hebben het over een proces dat voor mij volstrekt onduidelijk is’, zei hij recent tegen vakblad Shippingwatch.

Verladers vrezen dat zij door die nieuwe toeslagen, afgezien van brandstofprijsstijgingen, meer voor brandstof gaan betalen. Of dat zo is, zal na het eerste kwartaal blijken.

Scrubbers

Maar ook als de nieuwe toeslagen verladers geen extra geld kosten, moeten zij in 2019 rekening houden met prijsstijgingen. Volgens consultancybureau Drewry kan de toenemende populariteit van scrubbers namelijk leiden tot verhoging van de vrachttarieven, als carriers besluiten om meer schepen te laten retrofitten.

Steeds meer reders kiezen ervoor om scrubbers aan boord van hun schepen te installeren. Met zulke apparaten aan boord mogen zij ook na 2020 nog goedkope hoogzwavelige brandstof bunkeren en verstoken, omdat de installatie de zwavel uit de uitlaatgassen verwijdert.

Met name in de tweede helft van 2018 kreeg het aantal scrubberorders een flinke boost. Volgens cijfers van DNV-GL is het aantal schepen dat met deze rookgasreinigers is en wordt uitgerust in de periode mei tot en met oktober 2018 bijna verdubbeld tot 1.850 stuks.

In de containervaart zijn tot dusver 266 schepen van de apparaten voorzien, maar samen zijn die goed voor 10% van het laadvermogen, omdat het vooral de grotere schepen zijn die van scrubbers worden voorzien. Gelet op het orderboek en verwachte retrofits zal dat percentage verder stijgen, concludeert Drewry. Een derde van de nieuwe containerschepen wordt met scrubbers uitgerust.

Prijsstijging

Schepen met scrubbers zullen de minderheid van de vloot uitmaken. Maar nu hun populariteit toeneemt, is het waarschijnlijk dat dit in 2019 tot disruptie in de aanbodzijde leidt en de vrachttarieven beïnvloedt, schrijft Drewry in een marktanalyse. ‘Een scrubberretrofit kan al snel zes weken duren. De mate waarin de retrofits de prijzen beïnvloeden hangt af van hoe goed de rederijen de uitval van die schepen kunnen managen.’

Van de grote carriers is MSC de rederij met de meeste reinigers, gevolgd door Evergreen en HMM. Maersk Line, al jaren kritisch over de technologie, heeft het kleinste aantal scrubbers geïnstalleerd, hoewel het vorig kwartaal bekendmaakte voor nog eens 80 miljoen dollar in de apparaten te investeren.

Onzekerheid

Ten grondslag aan de toename ligt de onzekerheid omtrent de verkrijgbaarheid en de prijs van laagzwavelige brandstoffen. Volgens schattingen kosten die zo’n 50% meer dan stookolie. Maersk Line en MSC rekenen op extra brandstofkosten van twee miljard dollar per jaar.

Verwachting is dat de laagzwavelige brandstoffen vanaf de tweede helft van 2019 in toenemende mate op de markt komen, maar de grootschalige overstap zal tot het einde van het jaar op zich laten wachten. Behalve op trajecten of reizen waar reders onvoldoende bunkermogelijkheden verwachten tegen te komen, stellen zij het gebruik van de duurdere brandstoffen zo lang mogelijk uit.

Precedent

Hoewel de omvang van de maatregel ditmaal veel groter is, lijkt 2019 in veel opzichten op 2014, toen reders en verladers bezorgd waren over de naderende zwavelzones die per 2015 op de Noordzee, Oostzee, het Engelse Kanaal en voor de Noord-Amerikaanse en Caribische kust werden ingevoerd.

Ook toen kostte de laagzwavelige diesel, die zelfs aan de nog strengere eis van maximaal 0,1% zwavel moest voldoen, ruim de helft meer dan stookolie (ongeveer 900 in plaats van 600 dollar per ton). Ook toen waren verladers bezorgd over de rekening die zíj gepresenteerd zouden krijgen. En ook toen waren reders bezorgd om concurrentievervalsing door vals spelende rederijen. Maar op 1 januari 2015 verliep de overschakeling rustig en zonder problemen.

Eerlijk is eerlijk, die rustige overschakeling werd gefaciliteerd doordat de olieprijs op dat moment rap was gedaald. Maar ook op alle andere vlakken was de transitie naadloos. Het hoeft op 1 januari 2020 dus niet per se een chaos te zijn.

Stookolieverbod

Ter verbetering van de luchtkwaliteit en de menselijke gezondheid voert de International Maritime Organization (IMO) per 2020 nieuwe regelgeving in die de maximaal toegestane hoeveelheid zwavel in scheepsbrandstof terugbrengt van 3,5% naar 0,5%. Feitelijk betekent het dat schepen straks geen zware stookolie meer in hun motoren mogen verbranden. Sterker nog, om de nieuwe regels te handhaven wordt het verboden nog zware stookolie aan boord te hebben, tenzij het lading is.

Een uitzondering wordt gemaakt voor schepen die een scrubber hebben geïnstalleerd. Die mogen nog wel zware stookolie bunkeren en verbranden, omdat de scrubber de zwavel uit de uitlaatgassen ‘wast’. Schepen die geen scrubber aan boord hebben, moeten per 2020 overstappen op laagzwavelige brandstoffen of alternatieven zoals LNG.

Lees ook de andere vooruitblikken: