Dat heeft chief operations officer Harald Fotland van de Noorse rederij gezegd tegenover World Maritime News. Hij tekende wel aan dat het gaat om ‘een complexe en omvangrijke juridische zaak met veel belanghebbenden. Maar we zullen claims volledig in overeenstemming met de Nederlandse wetgeving en internationale conventies afwikkelen’, zei Fotland.

Zoals bekend heeft Havenbedrijf Rotterdam Odfjell onmiddellijk  na het incident op 23 juni aansprakelijk gesteld. Daarbij zou een voorlopige claim van 28 miljoen euro op tafel zijn gelegd. Bij de presentatie van de halfjaarcijfers twee weken geleden zei topman Allard Castelein echter dat de totale kosten van het verwijderen van de ruim 200 ton stookolie waarschijnlijk zo’n tachtig miljoen euro bedragen. Hij zei toen ook dat een deel van de oeverbescherming en afmeervoorzieningen vernieuwd moet worden, omdat de olie is vastgekoekt en vrijwel niet te verwijderen is.

In totaal blijkt ongeveer negen kilometer aan oevers vervuild te zijn. Daarvan is ongeveer de helft met behulp van hogedrukspuiten met heet water en schoonmaak-schepen gereinigd. De andere helft is te zeer vervuild en moet gedeeltelijk worden vervangen, een klus die vermoedelijk maanden in beslag neemt. Het gaat veelal om beschoeiingen van basaltblokken. De olie is niet alleen op de stenen terecht gekomen, maar zit er ook tussen en onder. Omdat de vluchtige bestanddelen zijn verdampt, is ie verworden tot een taaie massa.

Het Havenbedrijf schat dat de totale schoonmaakoperatie tot medio volgend jaar gaat duren. De Rotterdamse haven beschikt over bijna 75 kilometer kademuur en meer dan 200 kilometer glooiingen.