Drewry noemt de recent aangekondigde invoering van noodbunkertoeslagen door MSC, Maersk Line en CMA CGM een wanhoopsmaatregel die de snelle brandstofkostenstijging maar gedeeltelijk zal compenseren. 

In een analyse tonen de onderzoekers de noodzaak voor maatregelen aan. Terwijl de vrachttarieven sinds het begin van het jaar flink zijn gedaald, zijn de brandstofkosten juist gestegen en in een veel hoger tempo dan verwacht. Een ton zware stookolie kost nu 20% meer dan aan het begin van het jaar.

Drewry spreekt van een ‘giftige mix’ voor carriers en noemt het de verklaring voor de slechte kwartaalresultaten van de rederijen, die eind april veelal rode cijfers publiceerden. Verwachting is dat over het huidige kwartaal gelijke of zelfs nog slechtere resultaten worden geboekt. Dat er actie ondernomen moet worden staat daarom buiten kijf, stellen de onderzoekers, die de noodbunkertoeslag echter niet als oplossing zien.

Net als SeaIntelligence Consulting eerder deed, bepleit Drewry dat dit het moment is om een nieuw mechanisme te ontwikkelen die vrachtprijzen corrigeert voor fluctuaties van de brandstofprijs. Een dergelijke maatregel zou beide partijen moeten beschermen, vindt Drewry.

Het bedrijf zegt het sentiment van verladers te begrijpen, maar stelt tegelijkertijd dat de situatie wel moest ontploffen voordat er een nieuwe oplossing kan worden gezocht. ‘Want waar was de roep om transparantie toen de brandstofprijs laag was’, vragen de analisten zich af.

De ontwikkeling van een dergelijk nieuw systeem heeft kans van slagen, want de nu ingevoerde noodbunkertoeslag is voor de carriers ook geen houdbare oplossing. Volgens Drewry compenseert de bunkertoeslag de carriers maar voor 50 tot 80%.