De Rotterdamse rechter veroordeelde het bedrijf daarop tot torenhoge boetes en legde directeuren Mark J. en André A. een beroepsverbod op. Ook vijf dochterbedrijven van Seatrade en een bestuurslid van een van die dochters werden veroordeeld.

Seatrade zinspeelde er al op dat het zich niet kon vinden in de uitspraak en dat het overwoog om het vonnis aan te vechten bij het gerechtshof in Den Haag. Dat is nu gebeurd.

Volgens het vonnis in maart handelde Seatrade in strijd met de Europese wetgeving met betrekking tot de sloop van schepen. Toen vier schepen in 2012 uit Rotterdam en Hamburg vertrokken, waren ze (met aan boord grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen zoals bunkerolie, smeerolie en asbest) op weg naar hun laatste bestemming en hadden ze dus als schroot moeten zijn gecertificeerd. Maar dit was volgens Seatrade niet het geval.

‘Seatrade is het absoluut oneens met de juridische interpretatie dat een volledig gecertificeerd zeewaardig schip als afval moet worden beschouwd en zal het vonnis tot in detail zal bestuderen’, aldus Seatrade in een reactie op de beslissing destijds.

Volgens de woordvoerder van Seatrade is het lastig te zeggen hoelang de zaak zal duren en wanneer het volgende vonnis uitgesproken zal worden.