Uit analyse van de import- en exportcijfers op handelsroutes tussen China en Noord-Europa, het Middellandse Zeegebied, de Verenigde Staten, het Midden-Oosten en Zuid-Azië blijkt dat de invoer van goederen in 2016 voor het eerst harder groeide dan de uitvoer. Ten opzichte van vorig jaar nam de import op die routes met 2,3% toe, terwijl de export slechts een half procent groeide.

De groei in Chinese import nam met name in de tweede helft van het jaar snel toe. In februari was de invoer van China met vijf indexpunten gegroeid te opzichte van augustus vorig jaar; meer dan twee keer zo veel als de import van andere Aziatische regio’s, zoals Noord- en Zuidoost-Azië.


Die verschuiving in handel lijdt volgens Drewry tot nieuwe situaties in de havens. ‘China is al zo lang een export gedreven economie, Chinese havens zijn gewoon niet gewend aan lange verblijftijden op de terminal omdat containers vrij snel aan boord van schepen worden geladen voor export’, schrijven de analisten. Verder stellen ze dat dit een lange termijn probleem kan zijn, tenzij de importgroei wordt opgevangen met uitbreiding van de terminal- en opslagcapaciteit.

Chinese havens kampen sinds april met grote vertragingen in de haven. Die worden veelal toegedicht aan de reorganisatie van de containerallianties, slechte weersomstandigheden (smog belemmert het zicht) en verladers die snel veel lading willen verschepen voor de verwachte tariefstijgingen in mei. Hoewel die factoren allemaal meespelen is volgens Drewry de meest prominente oorzaak dat de Chinese havens bijna of op hun maximale capaciteit draaien. ‘Het is geen toeval dat de havens die het meest last hebben van congestie de grootste toename in overslag boekten: Qingdao (12%); Shanghai (10%) en Ningbo (9%). Doordat die lading in minder, maar steeds grotere schepen wordt ingevoerd nemen de piekbelastingen enorm toe.’