Daarmee zet de krimp van Hamburg als containerhaven door, al neemt het tempo daarvan af. Vorig jaar zag HHLA, dat goed is voor ongeveer driekwart van de containeroverslag in de Noord-Duitse haven, het volume met ruim 12% kelderen tot 6,6 miljoen teu. Dat is inclusief 300.000 teu voor een kleinere terminal in Odessa, waar de overslag toen gelijk bleef.

Topman Klaus-Dieter Peters schrijft de daling toe aan ‘aanhoudend moeilijke omstandigheden’. Vorig jaar werden het inzakken van de Chinese export en de terugval van de doorvoer naar Rusland als gevolg van de spanningen met de Europese Unie als hoofdschuldigen aangewezen. Daarnaast wijst Peters op de ‘onveranderde infrastructurele tekorten van Hamburg’, lees het uitblijven van het uitdiepen van de Elbe.

De groep weet de krimp aan de zeekant wel gedeeltelijk op te vangen met een forse groei aan de landkant. De intermodale tak verwerkte 694.000 teu, 6% meer dan in de eerste helft van vorig jaar. Daar binnen groeide met spoorvervoer met 8,6%. Vorige jaar groeide het intermodale vervoer al met een kleine 3% tot 1,3 miljoen teu.

Het volumeverlies vertaalde zich in een omzetdaling van 2% tot 558 miljoen euro. Onder de streep bleef daar een nettowinst van iets meer dan 21 miljoen van over, 36% minder dan vorig jaar. Die scherpe winstdaling wordt mede veroorzaakt door een eenmalige afschrijving van een reorganisatievoorziening voor de sector project- en contactlogistiek.

De Rotterdamse haven als geheel verwerkte 6,1 miljoen teu in de eerste helft van het jaar, ruim 2% minder dan vorig jaar. In Antwerpen groeide de containeroverslag tegen de stroom in met 4,4% tot net boven de vijf miljoen teu. Havenbeheerder Port of Hamburg komt naar verwachting pas over enkele weken met zijn halfjaarcijfers.