Een handelaar in diepgevroren tonijn heeft voor de opslag in zijn eigen vrieshuis onder andere een uitgebreide opslagverzekering afgesloten.


In de betreffende polisvoorwaarden met betrekking tot de opslag is mede bepaald dat:

‘This insurance also covers the storage of the subject-matter insured in the warehouse of the insured. Excluding theft unless violent and forcible entry and/or exit. Excluding mysterious disappearance and or stocktaking losses.’

Het duurt even, maar dan komt deze handelaar erachter dat er onverklaarbare tekorten in zijn voorraad zijn. Hij laat camera’s in en buiten de loods installeren.
Als hij na verloop van tijd de beelden gaat bekijken, blijkt dat enkele personeelsleden ’s nachts terugkomen met een vrachtautootje, de deuren met een sleutel openen en daarna met een vorkheftruck van het bedrijf de vriescel ingaan en de in metalen bakken opgeslagen tonijn in de vrachtauto rijden. Zodra deze vol is sluit men alles weer keurig af en gaat ervandoor. De politie wordt hiervan op de hoogte gesteld en men stelt met elkaar een val op.

De medewerkers herhalen dezelfde procedure, worden op heterdaad betrapt en door de politie ingerekend. Na enig uitzoekwerk blijkt dat deze medewerkers in een periode van drie tot vier maanden voor ruim 60 ton aan tonijn hebben ontvreemd met een waarde van bijna 800.000 euro! Dit is ongeveer 15% van de gemiddeld opgeslagen voorraad. Tijdens het verhoor door de politie komt naar voren dat men een sleutel van één van de leidinggevenden heeft weten te kopiëren.

De betrokken verzekeraars wijzen de claim onder de polis af op grond van de polisuitsluiting zoals deze hierboven is genoemd. De handelaar laat het er niet bij zitten en vraagt advies bij een advocaat. Deze komt onder meer tot de navolgende conclusie:

‘In de Nederlandse rechtspraak is bepaald dat het toegang verschaffen door middel van een valse sleutel moet worden onderscheiden van het toegang verschaffen door het forceren of openbreken van een toegangshek. Inbraak door middel van een valse sleutel valt niet onder braak.’

Gelet op enerzijds het ontbreken van ieder spoor van braak en/of geforceerde binnenkomst en anderzijds het expliciete dekkingsvereiste van een ‘violent and forcible entry’ zijn wij van mening dat er naar de letter van de tekst van de polis geen dekking bestaat voor de onderhavige diefstal. De tekst van de polis is duidelijk en laat geen ruimte voor een alternatieve interpretatie.

Wij zien helaas geen realistische juridische gronden voor verhaal van de schade onder de verzekeringsovereenkomst.’

Op basis van dit advies besluit de handelaar geen stappen te ondernemen tegen de verzekeraars. Wat uit deze zaak later naar voren is gekomen, is dat de handelaar zijn aanwezige voorraad niet regelmatig controleerde en dat de administratie hiervan ook wel wat accurater kon.