Als het aan de bierbrouwer had gelegen, zouden we tegenwoordig – hoewel nu natuurlijk even niet – op de tribune hebben gezeten bij voetbalderby’s tussen ‘Holland-Zeeland’ en ‘IJsselland’. Waarbij voetballers uit Groningen, Zwolle en Eindhoven geen Oranje-shirts hadden gedragen, maar met het mes tussen de tanden opponenten uit Rotterdam en Amsterdam hadden proberen te tackelen. Duitsland werd door Heineken teruggeworpen in de tijd van het Heilige Roomse Rijk en op de kaart rücksichtslos in mootjes gehakt.

Ik kwam de term ‘United States of Europe’ weer tegen in een opinieartikel van Brad Glosserman, een wandelende denktank die in Japan actief is. Glosserman wil Europa niet in stukjes hakken, maar denkt wel dat Angela Merkel en Emmanuel Macron bezig zijn om een opgekalefaterde EU te scheppen. Europa kan volgens Glosserman uit de coronacrisis tevoorschijn gaan komen als ‘een echte wereldmacht’. En als die sterke EU dan nauwe banden aanknoopt met democratische Aziatische landen als Japan, dan kunnen we de toekomst volgens de denktankdirecteur met vertrouwen tegemoet zien.

Na regen komt zonneschijn, maar of dat met een ‘US of E’ zal zijn, staat natuurlijk nog te bezien. Nederland blijft graag eigen baas en voert nog steeds de zogenoemde ‘Vrekkige Vier’ aan, het groepje landen dat de barricaden heeft opgeworpen tegen de Merkel-Macron-plannen om Zuid-Europa geld te schenken.

Voorlopig zitten we volgens economen in de ergste recessie sinds de Tweede Wereldoorlog, wordt in binnensteden meer gedemonstreerd dan gewinkeld en is de natuur aan het uitdrogen, en dan moet de Tweede Golf van de coronapandemie nog komen. In zulke netelige tijden kan je beter wat goede economische vrienden hebben, maar wie? Aan een beoogd handelsverdrag met Canada zitten na een decennium onderhandelen nog steeds haken en ogen, en het lijkt erop dat we met slaande deuren afscheid gaan nemen van onze Engelse broeders.