De grote winnaar waren de Liberaal-Democraten, de in grootte derde partij in het Britse Lagerhuis. De Conservative Party verloor bij de lokale verkiezingen naar verluidt ruim vierhonderd gemeenteraadszetels, Labour ongeveer tachtig. De meeste daarvan gingen naar liberaal-democratische kandidaten.

Hun partij, kort als Lib Dem aangeduid, is geen voorstander van een ‘harde Brexit’ en staat te boek als voorstander van de Europese Unie, mits die wordt hervormd. Pikant bij de gemeenteraadsverkiezingen was dat de liberaal-democraten onder meer een meerderheid wisten te behalen in de gemeente Bath, in het graafschap Somerset, de stad die Jacob Reese-Mogg aan een zetel hielp in het Lagerhuis. Reese-Mogg behoort tot de ‘hardliners’ als het om Brexit gaat.

UKIP geslacht

De Brexit-partij UKIP, opgericht door Nigel Farage en inmiddels door deze Brexiteer alweer verlaten, leed in de meeste gemeenten ook een gevoelige nederlaag. Een nauwkeurige analyse van de verschuivingen in het Britse politieke landschap is nog niet te maken. Vermoedelijk zijn de traditionele grote partijen afgerekend op het feit dat ze er onderling maar niet uitkomen hoe de Britse uittreding moet worden ingekleed.

De Brexit is in beginsel uitgesteld tot eind oktober. De regerende Tories (conservatieven) en de grote oppositiepartij Labour proberen een akkoord te bereiken over de voorwaarden waaronder het VK de Unie gaat verlaten, maar van witte rook uit de schoorstenen van Westminster is nog geen sprake.