Het Verenigd Koninkrijk verlaat per 29 maart 2019 de Europese Unie. Dat dit grote gevolgen heeft, mag bekend zijn. Maar hoe groot de impact precies is, is nog niet duidelijk. Dit hangt uiteraard vooral samen met de verdragen die te zijner tijd zijn afgesloten, of juist niet zijn afgesloten. Bij het bepalen van de verschillende scenario’s heeft het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat rekening gehouden met het op 19 maart 2018 gesloten akkoord tussen Brussel en Londen.

Het ministerie gaat uit van drie verschillende Brexit-scenario’s:

  • Een scenario waarbij het VK op 30 maart 2019 uit de EU treedt zonder een terugtrekkingsakkoord.
  • Een scenario waarbij het VK op 30 maart 2019 uit de EU treedt met een terugtrekkingsakkoord, inclusief een overgangsperiode, maar zonder akkoord over de toekomstige relatie.
  • Een scenario waarbij het VK op 30 maart 2019 uit de EU treedt met een terugtrekkingsakkoord, inclusief een overgangsperiode, en met na afloop een akkoord over de toekomstige relatie.

Gevolgen bij scenario 1:

  • De luchtvaart kan niet zonder meer vliegen van en naar het VK. De vervoersrechten vervallen, maar ook de luchtvaartveiligheidsvoorschriften zoals de wederzijdse erkenning van de certificering op het gebied van luchtvaartveiligheid vallen weg en het VK participeert niet meer in de European Aviation Safety Agency (EASA). Ook zal het VK niet langer onderdeel uitmaken van het EU brede One Stop Security-systeem.
  • Voor het wegtransport vervallen de Eurovergunningen voor vervoer van en naar het VK en komen ook cabotagevervoer en de transitmogelijkheid door het VK naar Ierland te vervallen. Daarnaast stopt de wederzijdse erkenning van tal van documenten zoals rijbewijzen, voertuigregistraties en bestuurderskaarten.
  • Voor de scheepvaart kunnen belemmeringen ontstaan wat betreft de toegang tot de lokale Britse markt (cabotage) en de offshore markt. Wanneer de EU-verordening die cabotage mogelijk maakt niet meer van toepassing is op de relatie EU-VK, zou laatstgenoemde een verbod op cabotage kunnen invoeren. Europa kan in dat geval tegenmaatregelen treffen voor Brits gevlagde schepen. Tevens treden in zeehavens handelsbelemmeringen (douaneformaliteiten, keuringen en inspecties) op met negatieve effecten voor het maritiem transport en daarmee de op- en overslag in zeehavens, vooral in Rotterdam.

Gevolgen bij scenario 2:

In dit scenario kan tot en met 31 december 2020:

  • gevlogen blijven worden van en naar het VK en blijft de toepasselijke luchtvaartveiligheidsregelgeving van toepassing.
  • het wegtransport tussen Nederland en het VK zonder verstoring voortgezet worden. 

Mocht er aan het einde van de overgangsperiode geen akkoord zijn gesloten voor de toekomstige relatie, dan zijn de gevolgen na 31 december 2020 voor luchtvaart, wegtransport en maritiem hetzelfde als bij het scenario 1.

Gevolgen bij scenario 3:

  • In eerste instantie zijn de gevolgen op de verschillende terreinen tot aan 31 december 2020 hetzelfde als bij scenario 2. Daarna zijn de gevolgen voor de luchtvaart, het wegtransport en de maritieme sector afhankelijk van de inhoud van het akkoord over de toekomstige relatie.

De minister voegt er wel aan toe dat de Brexit kan zorgen voor ruimtegebrek in de zeehavens. Dit vanwege opstapelende containers of stukgoederen, congestie op de aanvoerroutes en wachtende vrachtwagens voor de veerboten naar het VK. Omdat de parkeercapaciteit bij de veerbootterminals beperkt is, kan meer terminal- en kadecapaciteit nodig zijn.

Bekijk hier het document dat het ministerie heeft opgesteld.