Net zoals eerder de ngo Influence Map stelde dat het maritieme bedrijfsleven het debat en de besluitvorming binnen de IMO hebben ‘gegijzeld’, komt ook Transparency International tot de conclusie dat de scheepvaartsector teveel invloed binnen de organisatie heeft. De anti-corruptie organisatie vindt dat de IMO er te weinig aan doet om wantrouwen te voorkomen.

Zo stelt Transparency International dat er te weinig inzicht is in de personen binnen de organisatie. Hoewel de IMO open is over de geldende regels en procedures en een archief bijhoudt van besluiten en amendementen en dergelijke, is er weinig bekend over de activiteit van de raadsleden en is het onduidelijk hoe vertegenwoordigers van lidstaten en voorzitters voor bepaalde commissies en werkgroepen gekozen worden. Veel lidstaten worden direct vertegenwoordigd door rederijen.

Het risico op beïnvloeding wordt vergroot doordat de IMO geen standpunten van lidstaten en hun vertegenwoordigers bekendmaakt en journalisten expliciet verbiedt om sprekers te noemen zonder goedkeuring van de betreffende persoon. ‘Daardoor hoeven vertegenwoordigers zich niet publiekelijk te verantwoorden is het onduidelijk waarvoor zij pleiten achter gesloten deuren’, schrijft Transparency International.

Ook op de financiën van de IMO heeft de organisatie kritiek. Transparency International hekelt het feit dat de IMO geen regels en procedures omtrent de financiën publiceert, terwijl de contributie van lidstaten behoorlijk uit balans is. In 2016 waren tien van de 170 lidstaten goed voor 64% van de contributie en 35% van de totale omzet. In aflopende volgorde gaat het om Panama, Liberia, Marshall Islands, Singapore, Malta, Bahamas, Groot-Brittannië, China, Japan en Griekenland.

Volgens de IMO wordt de hoogte van de contributie berekend middels een formule die bestaat uit ‘een basistarief en additionele componenten zoals de betalingskracht en het tonnage van de koopvaardijvloot’, maar de exacte formule is niet openbaar.

Omdat acht van deze tien grootste bijdragers hoge gekozen posities binnen de IMO bekleden en de organisatie geen mechanismen heeft om die verdenking weg te nemen, is het volgens Transparency International niet te achterhalen of deze lidstaten hun invloed danken aan bepaalde criteria of hun invloed ‘simpelweg kopen’.

De IMO had vanochtend nog geen officiële verklaring klaar, maar wees er per e-mail alvast op de dat de organisatie een externe auditor heeft die de besluitvorming monitort en dat onder meer de Joint Inspection Unit van de Verenigde Naties regelmatig inspecties uitvoert.

Vanuit de reders is het vooralsnog stil. Nadat de ngo Influence Map eind vorig jaar soortgelijke bevindingen publiceerde kwam de wereldwijd overkoepelende redersorganisatie ICS fel uit de hoeken bestempelde het rapport als ‘onzin’. ICS werd in dat rapport genoemd als één van de grote beïnvloeders van onder meer het klimaatdebat.

De timing van het rapport is voor de IMO opnieuw ongunstig. In Londen is vandaag de werkgroep voor de CO2-reductie strategie bijeen gekomen. Zij moeten eind deze week bekend maken hoe zij de uitstoot van de scheepvaart willen terugdringen. De druk daarop is groot. Volgens onderzoek van de Europese Commissie zal de scheepvaart in 2050 verantwoordelijk zijn voor 17% van de wereldwijde CO2-uitstoot als er nu geen daadkrachtige maatregelen worden genomen.