Allseas zet daarvoor zijn ‘Pioneering Spirit’ in, die het werk tussen 2021 en 2026 gaat uitvoeren. De constructies staan in ongeveer zeventig meter diep water. De voorbereidingen op de platforms gaan dit jaar al van start, zodat ze op tijd klaar zijn voor het ‘liftseizoen’ (de relatief rustige zomermaanden) van 2021.

Het gaat om constructies in het olieveld Valhall, in het midden van de Noordzee in de uiterste zuidwestelijke punt van het Noorse deel. Dat is in het begin van de jaren tachtig in gebruik genomen en had een productiecapaciteit van 168.000 vaten aardolie per dag. De laatste jaren werden er nog maar 8000 vaten per dag gewonnen. Allseas sloot drie jaar geleden al een raamovereenkomst met Aker BP voor de ‘decommissioning’ van de installaties.

6000 ton

Het werk omvat onder meer de verwijdering van het bijna 6000 ton zware winningsplatform, dat op dertig putten is aangesloten, het productie- en compressieplatform van bijna 11.000 ton en het 9500 ton zware onderstel van het complex.

Daarnaast moet het 4600 ton zware platform van het met Valhall verbonden Hod-veld worden opgeruimd. Hod wordt op afstand bediend vanuit Valhall en was het eerste onbemande platform in de Noorse offshoresector toen de productie in augustus 1990 van start ging.

Het beursgenoteerde Aker BP heeft verder de optie ingeroepen voor het verwijderen van het Valhall-personeelsplatform en het onderstel van het enorme Ekofisk-complex, 24 kilometer ten noorden van Valhall.